Voetbalwedstrijd en waterfeest

Vandaag was een belangrijke dag: Boaz’ kleuterschool had een voetbalwedstrijd tegen een andere kleuterschool. De afgelopen weken hadden ze op vrijdagmorgen voetbaltraining, er is een teamshirt gemaakt en de verwachtingen waren hooggespannen. Vanmorgen gingen ze dan met de trein – 2 minuten volgens de dienstregeling – naar het voetbalveld. De wedstrijd zelf was een beetje een teleurstelling voor Boaz. Met 22 kinderen op een veld, die allemaal achter dezelfde bal aanrennen, was hij het overzicht algauw kwijt. Hij vond het maar stom dat hij amper tegen de bal mocht schoppen. Je noemt het toch een voetbalwedstrijd, geen renwedstrijd?!? Tjah, geef ‘m eens ongelijk… Opeens zag hij z’n kans schoon: de bal lag zomaar alleen op het veld! Helaas, dat was bedoeld voor een penalty, en Boaz mocht ‘m dus alweer niet schoppen. We hebben vanavond maar even ons eigen potje overschieten gedaan, om de gemiste kansen een beetje in te halen.

Vanmiddag was het groot feest. Ter ere van het begin van de schoolvakanties organiseerde de stad een waterfeest in een naburige speeltuin/park. De jeugdbrandweer deed mee met een zeephelling (ideaal hier, met al die heuvels leg je gewoon een zeiltje neer, zeep en water erop en klaar!) en met een heuse blusoefening. Vooral Hannah heeft dit heel vaak gedaan: met een spuit alle vlammetjes omver spuiten. Ze heeft een hele tactiek ontwikkeld: eerst spuit je de vlammetjes waar je mensen in de buurt ziet, want mensen zijn natuurlijk belangrijker dan speelgoed. Dan spuit je onderaan, want daar begint het vuur vaak, en dan ga je heen en weer omhoog tot je alles hebt geblust. Het ging voortreffelijk, en er zijn voor zover bekend geen gewonden gevallen 🙂 Wel veel waterschade, maar met dit weer was dat geen probleem.

Verder was er volop gelegenheid om lekker met water te kliederen: er stonden grote bakken met water en pompen erin, en van daaruit konden kinderen met stukken gepimpte regenpijp, koppelstukken, kratjes, schragen et cetera een parcours bouwen naar opvangbakken onderaan de heuvel. Dan nog plastic ballen en heel veel gieters water, en het feest is compleet. We hebben ruim twee uur in het park gezeten, en al die tijd waren zo’n 40 kinderen druk aan het “werk” terwijl de mama’s met hun tong op hun schoenen in de schaduw zaten. Want het was errug warm, ik geloof officieel 36 graden met uitschieters naar boven. Dan is zo’n waterfeestje wel geslaagd.

Judith vond het ook leuk. Ze dribbelde van hot naar her, keek eens hier, spetterde eens daar, en had het reuze naar haar zin. Ze had ook nog een privé-activiteit meegenomen: haar “daaltjes”! Als je al ruim anderhalf bent, laat je sokken en schoenen/sandalen natuurlijk niet meer door mama aantrekken. Dat kun je gewoon zelf. En om het extra te oefenen, deed Juud dus keer op keer haar sandalen uit en weer aan en weer uit en weer aan. Ze is apetrots als het allemaal lukt 🙂 Als we gewoon naar school of iets dergelijks moeten heb ik niet altijd tijd om daarop te wachten, dus dan zet ik haar regelmatig in de buggy met sokken en schoenen in de hand. Tegen de tijd dat we aankomen, is de klus ofwel geklaard ofwel mag mama toch helpen.

Het waterspel was trouwens wel vermoeiend. Judith kwam heel lief op schoot liggen in de schaduw: “Joetie s(l)aape”. Dat lukte wel niet helemaal in die drukte, maar het was een duidelijk signaal.

Toen we bijna naar huis gingen, liet de brandweer nog even zien hoe ver en hoe hard een brandweerspuit kan spuiten. De kinderen mochten op een bepaalde heuvel gaan staan, en vanaf de straat kregen ze een gigantische douche. Ik geloof dat er weer een paar sollicitaties binnen gaan komen bij de jeugdbrandweer 😉

Al met al was het waterfeest heel geslaagd! Boaz heeft morgen z’n laatste schooldag (al kunnen we dat deels zelf bepalen, maar dat weet hij niet…). Hannah heeft sinds woensdag vrij. Volgende week barst het vakantiespektakel los: de één na de ander komt vanuit Nederland onze kant op. We hebben er zin in, hartelijk welkom allemaal!

Laatste schoolweken

Hannah zit in haar laatste schoolweken. Nou ja, ze zijn meer buiten de school dan erin onderhand: maandag hadden ze de hele dag waterfeest bij een klasgenootje in Buggingen, donderdag is er een sportwedstrijd met andere scholen en koelen ze af in het zwembad, vrijdag gaan ze weer op bezoek bij een klasgenootje. Zaterdag is dan het “zomerfeest” van school, waar we samen met alle ouders en broertjes/zusjes een lunchbuffet hebben en afscheid nemen van Hannahs juf. Zij gaat een jaar met verlof. Volgende week staan er nog drie schooldagen gepland, ik ben benieuwd wat ze dan gaan doen. Dat is nu nog niet bekend geloof ik, een kleine school is “spontaan” en “flexibel” 😉

Huiswerk is er deze week ook niet meer bij, en met Nederlandse les zijn we al klaar voor dit jaar. Dat betekent lange vrije middagen, aan de ene kant heerlijk ontspannen maar ik geloof dat de verveling nu al toe begint te slaan… Maar een keertje extra naar de speeltuin dan! Want het weer is hier bijna altijd zonnig, en net zo droog als momenteel in Nederland. De Neumagen staat hele stukken droog, wat meteen weer allerlei zorgen oproept om de arme visjes die niet meer kunnen zwemmen. Hannah kijkt elke dag even of ze al zielig op de kant liggen en haar smekend aankijken. Als dat gebeurt, mag ze ze in een emmer meenemen en brengen we ze een stuk verderop, heb ik beloofd. Ik hoop eigenlijk dat het gauw een keer gaat regenen ’s nachts 🙂

O ja, en nog een vermeldenswaardig feit van deze week: Hannahs eerste tand is eruit! ’s Avonds om een uur of half 10 kwam ze opgetogen uit bed gerold, de ogen nog maar half open: “Papa, mama! Ik heb een heeeeele mooie verrassing! MIJN TAND IS ERUIT GEVLOGEN!” En ze had ‘m zowaar gevangen – vooraf was ze bang dat die tand er zo enthousiast uit zou springen dat ze ‘m meteen kwijt zou zijn. Dat mocht natuurlijk niet, want ze had van klasgenootjes begrepen dat je voor een tand onder je kussen een muntje krijgt. Dus een kussentje van de bank getrokken, zorgvuldig een bakje met de tand onder het kussen gestopt en zowaar… de volgende morgen lag er een muntje! Ze moest nog wel even weten of papa of mama dat had gedaan, want een tandenfee bestaat natuurlijk heus echt niet hoor… toch???

In de trein

Vandaag zitten we in de trein, net als donderdag. Per dag zo’n 8 uur, inclusief af en toe een overstap. De reden voor dit avontuur is een feestje: vrijdag trouwden oom Steven en tante Japke. Het was erg leuk om deze dag met hen mee te mogen vieren, en het was ook gezellig om allerlei familieleden weer even te spreken. Maar ja, daar horen dus ook twee reisdagen bij. Geen ramp, maar ook niet de ultieme ontspanning 😉

Omdat we donderdag pas konden vertrekken toen Hannah klaar was op school en we dus ’s middags en ’s avonds moesten reizen, hebben we dit keer de trein verkozen boven de auto. Wakkere kinderen in een warme auto en een grote kans op file leken ons niet zo’n succes. Dat hebben we al vaker gedaan, en zeker nu we al zo snel weer terug moesten én ook vrijdag nog de nodige kilometertjes moesten maken hadden we er géén zin in… Daarom dus met de trein. Het reizen zelf is dan veel relaxter, omdat je niet hoeft te sturen en de kinderen wat meer bewegingsvrijheid hebben. Het grootste deel van onze reis hadden we zitplaatsen in een klein coupétje dat was afgescheiden met een glazen deur: ideaal voor kleine weglopertjes die toch graag lekker rondlopen en veel praatjes hebben. Het grote nadeel aan treinen is dat ze niet van deur tot deur gaan, en niet altijd op de ideale tijden. En ze rijden niet altijd volgens plan natuurlijk. Op de heenweg zouden we in Keulen 40 minuten overstaptijd hebben, maar liepen we 45 minuten vertraging op. Stress dus. Gelukkig was de aansluiting ook 6 minuten vertraagd, dus hij stond op ons te wachten toen we uitstapten. Rennen en vliegen met kind 1, kind 2, kind 3, buggy, tas 1, tas 2, tas 3, tas 4 en rugzak 1 & 2. Gelukkig hebben we geen kind vergeten en zelfs geen tas achtergelaten, maar het was niet heel ontspannen. En in de haast moet je de eerste deur nemen die je tegenkomt, waarna we dus nog 5 coupés moesten doorworstelen met al onze spullen door bijzonder nauwe gangpaadjes. Het voordeel van zo’n lange reis is dat je ruim de tijd hebt om uit te puffen voor de volgende overstap komt. Die was in Arnhem. Het idee was dat we vandaar naar Zwolle zouden rijden, maar de Deutsche Bahn had even vergeten dat station Zwolle twee weken uit de running is vanwege een grootscheepse verbouwing. En wij hadden geen zin om in Olst uit te stappen, dan met de bus naar Zwolle te gaan, vervolgens weer met een bus naar Kampen-Zuid en dan nog een stukje trein te pakken tot Lelystad. Gelukkig kennen we de kaart van Nederland nog een beetje, dus hebben we een trein naar Amsterdam-Zuid gepakt en vandaar naar Lelystad. Zo kwamen we alsnog met een half uurtje vertraging aan. Inmiddels was het kwart voor tien en waren we allemaal moe, dus het was super fijn dat we van het station werden afgehaald door opa Geurt en oma Paula. We konden ook bij hen logeren, dus na een slokje drinken kropen we maar gauw in bed.

De bruiloft zelf begon in Veenendaal, en niet al te vroeg. We konden de verleiding niet weerstaan om een uurtje eerder in de auto te stappen en eventjes Ede aan te doen: we zijn op de thee geweest bij onze vriendinnetjes Melanie en Ellis en we hebben Hannahs Nederlandse schoolboeken teruggebracht. Het weerzien tussen de vriendjes was hartverwarmend, en we zien er naar uit om hen in de herfstvakantie bij ons thuis te ontvangen. Daarna gingen we dus naar Veenendaal, naar de ideale locatie voor een zomerse buitenbruiloft, bij een paardenboerderij. Genoeg ruimte en vertier voor een paar stuiterballen, en verder veel gezelligheid en lekker eten. ’s Avonds kwamen we nog wéér in Ede voor de kerkdienst, en vervolgens gingen we naar Doorn voor de receptie. Het was een leuke dag, maar ook lang en vermoeiend. Om kwart over tien wilden we allemaal heel graag naar bed, en zijn we dus maar opgebroken. We hadden onze cadeautjes gegeven, onze liedjes gezongen, veel gebabbeld – het was mooi geweest. Jammer genoeg viel Hannah op weg naar de auto nog een flinke schaaf op haar knie en handen 🙁 De terugweg werd in mineur afgelegd, maar daarna hebben we ontzettend lekker geslapen! Zaterdagmorgen hadden we gelukkig nog even lekker de tijd om met opa, oma en Jonathan bij te praten, wat te spelen en snel even eten en drinken in de slaan voor de terugreis. Want ja, we moeten weer tijdig terug zijn in Bad Krozingen, dus nu zitten we weer in de trein. We hebben alweer een onverwachte extra overstap achter de rug vanwege één of andere technische storing, maar verder gaat het tot nu toe voorspoedig. Straks in Frankfurt moeten we nog een keer overstappen, en dan hopelijk vlot naar huis.

We vonden het fijn om bij de bruiloft te kunnen zijn, maar zo’n flitsbezoekje doen we liever niet te vaak. Dus nog een tip voor familie en vrienden die van plan zijn de komende jaren te trouwen: vraag ons eerst even wanneer de Duitse schoolvakanties zijn, en plan je bruiloft om onze wensen heen 🙂

Zelfreflectie

Onze Judith heeft iets nieuws ontdekt: ze praat tegen zichzelf. Een soort zelfreflectie die ze dan hardop verwoordt – zonder er vervolgens iets mee te doen, helaas. Het lijkt er eerder op dat ze zichzelf een standje geeft en dan vindt dat ze wel weer door mag gaan 😉

Vanmorgen liep ze op het terras en hoorde ik op een verwijtend toontje: “Joetiiiiiiee! daan??? Ooooh!” En ja hoor, de skippybal lag weer op het gras, terwijl die op het terras moet blijven. Ze weet natuurlijk drommels goed dat ze ‘m niet over het hekje mag kieperen, maar kennelijk kan ze het toch niet laten…

Even later maakte ze mij deelgenoot van een andere boevenstreek die ze had uitgehaald. Ik vond ’t niet dramatisch, maar ze vond het zelf heel grappig: ze had het poppetje van de betonmixer uit de zandbak gepakt en ‘m op de kop tussen de planten gepoot. “Oh oooh!” Arm mannetje. Dan is haar pop gelukkig beter af; die krijgt af en toe een slokje drinken en wordt vooral vaak lekker naar bed gebracht. “So! s(l)apuh!” Dan heeft moeder Juud tenminste weer tijd om zelf streken uit te halen – of om mama te helpen – of om Nannah en Bo(d)az uit school te halen.

Brunch op school en chocolademelk

Zaterdag was er iets geks aan de hand: het was zaterdag – dus een vrije dag – en toch gingen we naar school. Met z’n allen nog wel. Het kost normaal gesproken al de nodige moeite om onze meneer-de-nadenker ervan te overtuigen dat “vrijdag” geen “vrije dag” betekent, maar dit sloeg natuurlijk alles.

Vanaf 10 uur waren alle kinderen, ouders, broertjes en zusjes welkom om samen te brunchen, wat spelletjes te doen en te bekijken wat er de afgelopen periode zoal gedaan is op de Kindergarten. Helaas kwam lang niet iedereen opdagen, maar toch was het best leuk. Omdat er ruime inlooptijden en ophaaltijden zijn zie je meestal maar weinig ouders, laat staan dat je ze echt kent. Dat doen we nu natuurlijk nog steeds niet, maar we hebben weer wat nieuwe gezichten gezien.

Judith komt dagelijks op de Kindergarten als we Boaz brengen of halen. Ze voelt zich daar vanaf dag één thuis geloof ik, en zou zonder problemen ook wel willen blijven. Bovendien heeft ze verschillende leid(st)ers al helemaal om haar vingertje gewonden, en wordt ze enthousiast begroet met “heeey süße!” (wat zoiets betekent als: “heeey schatje!”). Vaak klimt ze even uit de buggy om bij deze of gene een knuffel te halen voor we weer verder gaan. Ze ís ook heel schattig, met haar grote glimlach en olijke koppie onder haar zonnehoedje. Want ja, de andere twee dragen een fietshelm dus mevrouwtje moet ook iets op haar hoofd.

Gelukkig gaat Judith meestal zonder mopperen weer met me mee naar de winkel of naar huis. Ik vind het ook helemaal niet erg om nog een poosje samen boodschappen te doen met onze jongedame gezellig in het karretje, en om al babbelend en wijzend door de stad te lopen. Alles wordt benoemd: auto’s, fietsssssen, bloemen en bomen, water, stoelen en bankjes, etende mensen… Het is soms maar goed dat men hier geen Nederlands verstaat. En als we ’s ochtends bijna thuis zijn weet Juud het al: “(d)riiinken! oho-mél!”. Ja inderdaad, dan moet er melk in het pannetje, poeder in dat ene speciale flesje en geniet mevrouw intens van een flesje chocolademelk. Net als Boaz altijd deed, die mist dat ritueeltje nog wel een beetje. Want zoals hij pas opbiechtte: “Ik heb van mama geleerd dat chocola heeeeeel lekker is!”. Dus dat doen we dan ’s middags nog maar even, of op zaterdag – als we niet naar school hoeven 😉

Warm!

Op het moment regent het hier. Maar dat vinden we eigenlijk niet eens zo erg voor een dagje. De afgelopen weken was het hier erg warm. Heerlijk weer, maar soms ook zo heet dat je liever in de rivier loopt dan ernaast. Dat kan gelukkig, als het een poosje warm en droog is geweest staat het water laag genoeg 😉

Gelukkig is het bij ons binnen nooit extreem heet. We hebben lekker drie buren boven ons die ons plafond isoleren en de zon schijnt niet recht naar binnen als ‘ie hoog staat. Bovendien hebben we overal van die grote ramen die open kunnen, dus het beetje wind dat er is kan dan door ons huis waaien. De mensen hier klagen overigens dat er nooit serieuze wind is, dat schijnt te komen door het Zwarte Woud en de Vogezen die een heleboel tegenhouden. Daarom kan het in juli-augustus nog wel wat warmer worden dan nu, met pieken van 40 graden. Dat is wat mij betreft net een beetje té, nu is het ’s middags tegen de 30 en dat vind ik eigenlijk wel genoeg als ik naar school fiets of loop. Maar verder is het heerlijk om alleen maar aan tassen-sokken-schoenen-helmen/hoedjes te hoeven denken als we de deur uit gaan, en de jassen-mutsen-handschoenen-sjaals lekker over te slaan. En om de was buiten te kunnen drogen; niets lekkerder dan fris gewapperde lakens op je bed!

Wat de kinderen ook erg bevalt, is dat we vrijwel elke dag een ijsje eten. Judith weet het al precies: als we thuiskomen uit school en de boterhammen zijn al op-gepicknickt, dan krijgen we allemaal een ijsje. En als Johan vervolgens met een warm hoofd thuiskomt uit z’n werk, klinkt het medelijdend: “Hè jammer papa, je bent te laat! De ijsjes-tijd is al voorbij!” Gelukkig gaat papa nog niet meteen om 7 uur naar bed, dus hij kan z’n gemiste ijsje ’s avonds nog inhalen…

 

Bezoek!

Het bezoekseizoen is aangebroken! Afgelopen weekend hadden we een Nederlandse gast. Tenminste – hij woont al een aantal jaar in Amerika, daarvoor woonde hij in Parijs, hij kwam nu vanuit Straatsburg en gaat na een week Freiburg door op vakantie naar Zurich en dan weer naar Parijs. Maar hij is geboren en getogen in Nederland, en kent Johan nog van hun gezamenlijke wiskunde-studie. We vonden het allemaal heel gezellig, en het was leuk om onze omgeving te kunnen showen.

Boaz vond het helemaal niet erg om een paar nachtjes bij papa en mama te logeren en zijn eigen kamer een poosje af te staan. Logeerbedden hebben we ook in overvloed, dus we bieden onze gasten heel luxe een kamer met eigen douche. Dat krijg je niet overal 😉

Komend weekend verwachten we weer een vriend van Johan, dit keer een rasechte Nederlander. Dus dan willen we voor de derde week op rij naar Staufen om de burcht te beklimmen. Vandaar heb je nou eenmaal een fenomenaal uitzicht over de hele Rijnvallei, en het ijs van de Italiaan smaakt erg goed…

Vandaag kwamen er geruchten binnendruppelen dat we over twee weken nóg twee “leuke mensen” kunnen verwachten voor een nachtje logeren. Als ze zichzelf al zo omschrijven, wordt het vast gezellig. En dan is het alweer tijd voor ons om in de trein te stappen voor een flitsbezoekje Nederland als Steven en Japke gaan trouwen. Daarna begint zachtjesaan de zomervakantie in Nederland, en hebben al verschillende mensen uit onze families toegezegd graag langs te komen. Het kan niet op 🙂

Wandkleed

Deze keer eens geen verslag van een uitje of een andere belevenis; ik wil een wandkleed laten zien dat ik een tijdje terug heb gemaakt. Het hangt (tijdelijk) boven onze bank, maar dat zie je natuurlijk alleen als je hier in levende lijve langskomt, en dat doet nu eenmaal niet iedereen.

Het idee van dit wandkleed is dat het laat zien wat wij als gezin tot nu toe aan hoogte- en dieptepunten hebben meegemaakt, en ook de verschillende plaatsen waar we hebben gewoond. Gewoon leuk, een soort compact fotoboek 😉

Het eerste paneeltje is gemaakt van het kussentje waarop Jonathan destijds onze trouwringen aanreikte. Met onze initialen en de trouwdatum erop. En onze vriendschapsringen – want ja, de trouwringen dragen we elke dag. Vervolgens een plaatje van ons eerste onderkomen: een klein schattig huisje direct aan de Oude Rijn in Harmelen. Het derde paneeltje is een herinnering aan Hannah’s geboorte; ik heb haar eerste truitje verknipt en haar naam en geboortedatum erop geborduurd.

Dan weer een huisje, ditmaal in Papua Nieuw Guinea. We hebben daar weliswaar maar vijf maanden gewoond, maar het was zeker een belangrijke periode voor ons als gezinnetje. Vervolgens een soort doorkijkje naar een bospad met heide. Dat is onze tussenperiode in Wezep, toen we terug waren uit Papua maar nog niet wisten waar we ons zouden gaan settelen. Voor mijn gevoel hebben we daar niet echt “gewoond”, daarom heb ik het huis er niet opgezet. Maar we zijn daar wel “geweest” natuurlijk, dus daarom maar het beeld dat voor mij kenmerkend is als je daar door een hek de hei op wandelde, op weg naar een nog onbekende toekomst.

Die toekomst werd dus Ede, en daar hebben we ons wel echt thuis gevoeld. Met als belangrijk element het grasveld achter ons huis, met die prachtige grote bomen die ons uitzicht bepaalden. Dat was echt fantastisch, zeker in vergelijking met het suffe hotel waar we nu op uitkijken ;( En ook verder had Ede natuurlijk veel bos, dus een pontificale boom vond ik wel passend.

Vervolgens weer twee geboortetegels: een stuk slab van Boaz waar z’n naam op geborduurd stond, én het vogeltje van zijn geboortekaartje. Dat kon ik dus zo invoegen, kant en klaar. Judith heeft ook zo’n slab, maar die is nog volop in gebruik. Daarom heb ik bij haar maar weer een truitje verknipt en er zelf op geborduurd.

Het negende vakje is vooral erg donker. Dat herinnert aan de ziekteperiode en het overlijden van mama, dat diepe indruk op ons heeft gemaakt. Het is echter niet helemaal zwart, er zitten lichtgekleurde bandjes op en rondom haar foto heb ik een hartvorm van glinsterende kraaltjes gemaakt, om ook te blijven denken aan de bijzonder waardevolle momenten die we in die periode samen hebben doorleefd, en aan de vele mooie herinneringen die we aan mama hebben. Tenslotte zit er een wit vlindertje op, naar aanleiding van een heel mooie symboliek: het begraven van een geliefde lijkt op een rups die in een cocon kruipt. Voor het oog is zijn leven voorbij, je ziet alleen nog een doodse vorm. Maar vanuit de natuur weten we dat op de juiste tijd de cocon opengaat en er een prachtige vlinder uit komt, symbool van nieuw – en oneindig mooier – leven. Zonder die hoop is onze herinnering aan mama niet compleet.

Vervolgens een plaatje van Johans promotie. Ik zie net dat de flits van de camera hier een beetje reflecteert, maar goed. Het idee is duidelijk: Johan krijgt z’n welverdiende bul. Hora est!

Dan nog één ingevuld plaatje, onze verhuizing. Zwaaiende mensen, een vrachtautootje op weg naar een bergachtig land. Het allerlaatste vakje is eigenlijk nog open, daar zit voorlopig de tekst “wat de toekomst brengen moge”. Misschien vul ik dat nog in als we een volgende mijlpaal beleven, of breid ik het doek t.z.t. nog een paar meter uit 😉

Een geintje dat ik nog heb toegevoegd is de “blauwe draad” die verschillende elementen met elkaar verbindt: het viel ons op dat we iets speciaals lijken te hebben met de Rijn. Eigenlijk heb ik helemaal niks met water, veel meer met bos of bergen, maar de feiten zijn onweerlegbaar. Ons eerste huisje stond op een meter van de Oude Rijn, in Ede zaten we vlak boven de Rijn, en als je die Rijn lang genoeg volgt kom je dus op 8 km langs ons huidige huis. Het is zo ongeveer de verhuis-route, daarom heb ik ‘m langs de weg laten stromen.

Al met al hebben we toch best veel meegemaakt in de 7,5 jaar dat we getrouwd zijn! Op onze trouwdag had ik niet kunnen bevroeden dat we nu in Duitsland zouden wonen – ik zei altijd dat ik ofwel in Nederland wilde blijven ofwel naar een veldland wilde waar we echt zinvol bezig zouden zijn in Bijbelvertaalwerk of iets aanverwants. Soms is het ook maar goed dat je niet alles van tevoren weet, zeker niet als je zo’n type bent als ik die nogal veel leeuwen en beren op de weg ziet. En toch, we zijn al 7,5 jaar getrouwd en ik heb er nog geen moment spijt van gehad 🙂

Stoere papa!

Gisteren was het Vaderdag in Nederland, en daarom ook bij ons thuis. Wij combineren immers het beste van twee werelden… In de Pinkstervakantie waren we al druk met onze cadeautjes voor de opa’s en voor Johan. Onze nieuwe camera heeft goede diensten bewezen, en de kinderen hebben ijverig geknutseld. Zie hieronder het resultaat!

’s Middags bij ons Bijbelmoment hadden we het over het vermijden van ruzie en het nastreven van onderlinge liefde en vrede. Daar liggen binnen ons gezin nog wel wat verbeterpuntjes zegmaar… We maakten de koppeling naar “elkaars goede eigenschappen zien en benoemen”, en omdat het Vaderdag was hebben we deze keer een mooie plaat gemaakt met onze papa erop (sprekend, toch?) en wat goede eigenschappen er omheen. Alle andere gezinsleden hadden al lang zo’n plaat gekregen van Hannah, maar papa vond ze moeilijk. Die is eigenlijk alleen maar goed in werken, vond ze, en dat is wel erg mager als compliment. Maar samen hebben we toch heel wat kunnen bedenken. Johan was er heel blij mee 🙂

Het eerste woord waar ze op kwamen, was “stoer”. En dat was niet zonder reden: zaterdagmorgen is Johan in alle vroegte met de trein naar Münstertal gegaan en vandaar de Belchen opgerend. Dat is dezelfde berg die hij ook een keer met Hannah en Boaz heeft beklommen, maar nu wilde hij graag heen én terug, en op z’n eigen tempo. Tjah, dan blijft de rest maar beter thuis 🙂 Hij was in 1 uur en 25 minuten boven, en dat is toch een kilometer hoger dan het station. Klasse hoor! Hij heeft z’n complimentjes verdiend.

Toch wilde ik ook graag een lekkere wandeling maken. Daarom zijn we ’s middags naar Staufen gegaan, en zijn vandaar door het bos naar de burchtruïne geklommen. Dat was in totaal maar een kilometer of vijf, maar we moesten behoorlijk klimmen (met Juud in de buggy, die aanmoedigend van voor naar achter “hummmmm-de”) en het was behoorlijk warm. Zweten dus, maar het was heerlijk. De burcht hebben we nu al drie keer bekeken, maar hij blijft leuk. En als afsluiter kregen we allemaal een heerlijk ijsje bij de Italiaan. Ik denk dat Johan daarmee z’n complimentje “leuk” of “lief” heeft verdiend… Onderweg kwamen we nog een aantal wijsheden tegen die de Bomenstichting (oid) had verzameld, we zullen er een paar met jullie delen.

 

 

Een grens gepasseerd

Boaz heeft goed nieuws: hij mag naar school! Vanwege personeelsgebrek zou hij eigenlijk pas september mogen starten, als er weer een lichting kinderen naar school gaat (dat doen ze hier per schooljaar, niet meerdere keren per jaar, omdat ze pas in “groep 3” naar school gaan en dan meteen leren lezen en schrijven enzo).
Hij telde de weken af, en was telkens weer verontwaardigd dat de juf nog geen plekje voor ‘m had. Maar donderdag was het ineens zo ver! Er is een kindje verhuisd naar een andere Kindergarten, en zo kwam er een plekje vrij voor onze meneer. De juf belde ’s morgens, en we hebben meteen z’n tas ingepakt en zijn vertrokken. Hij kon niet langer wachten 🙂 Nadat we Hannah bij school hadden afgezet zijn we bij de Kindergarten binnengestapt, en Boaz mocht inderdaad meteen blijven. Het eerste halfuurtje zijn ik en Juud er bij gebleven, maar toen kon hij het verder prima alleen. Hij was zelfs verontwaardigd toen ik ‘m weer kwam halen, want ik was één van de eerste ouders, en hij had toch echt afgesproken dat hij zo lang mogelijk wilde blijven 🙂

Omdat Judith aan het eind van de morgen nog zo’n anderhalf uur slaapt, ben ik vanaf nu met deeltijdpensioen. Wat zal ons huis blinken straks! (Ik post uiteraard geen foto’s, vertrouw er maar op dat ik elke dag ijverig ga poetsen.)

Behalve deze symbolische grens, zijn we zaterdag lopend de grens met Frankrijk gepasseerd. Op 20 minuten rijden van ons huis is een kunstmatige inlaatplaats voor bootjes in de Rijn, en daar kan je ook lekker in en om het water spelen. Door een soort dam is het water daar maar kniehoog, en kun je dus lopend vrijwel oversteken. Alleen de laatste paar meter is het dieper en stroomt het water erg snel, maar omdat de grens volgens ons midden door de Rijn loopt ben je dan dus al in Frankrijk.

We hebben lekker gespeeld, Hannah en Boaz vingen visjes en Judith ving steentjes in haar emmer… Johan heeft geprobeerd ons te leren hoe je steentjes laat ketsen op het water, maar helaas. Bij ons zag je alleen een grote “plons”. Ach, dat was ook leuk. Vooral als je een heeeeel grote steen gooit, dan spettert het water lekker in het rond! We zagen nog twee mannen in een kajak stoeien met de stroming: telkens lieten ze zich een stukje meedrijven door een stukje stroomversnelling en dan probeerden ze uit alle macht weer terug te peddelen. Extreem vermoeiend waarschijnlijk, maar Hannah en Boaz hebben er weer een nieuwe wens bij. Ze willen dolgraag ook een keer in zo’n bootje. Ik denk dat we dan kiezen voor een huurkajak die je ergens stroomafwaarts weer in kunt leveren 🙂