Lekker bezig

Vóór de zomervakantie begon, besloten Johan en ik eensgezind: we gaan die zeven weken goed volstouwen met activiteiten, want we hebben geen zin in kinderen die zich stierlijk vervelen en elkaar de hele dag in de haren zitten. Nou, dat is goed gelukt.

We begonnen met een week vakantie in het Sauerland. Daarna waren we een weekje half-ziek thuis, en toen gingen we een week naar Oppenau. Vervolgens was het tijd voor een kamp met onze kerk, waar Johan met de kinderen naartoe is geweest. Ze vonden het heel leuk, hebben drie dagen lang al hun energie verbruikt en hadden de rest van de week nodig om weer een beetje bij te komen 😉 Win-win dus.

Deze week is Boaz op voetbalkamp. Elke ochtend fietsen we tegen half tien naar het voetbalveld en om half vier halen we hem weer op. Dat betekent zes uur tijd om rond te rennen, te voetballen, nog meer rond te rennen, spelletjes te doen, even wat te eten en opnieuw te voetballen. Ondanks regen en modder vindt hij het erg leuk. En wij leren weer nieuwe dingen over voetbalsokken, scheenbeenbeschermers en hoe je die dingen op de juiste manier combineert.

Volgende week is Hannah aan de beurt. Dan mag zij drie dagen lang gaan zingen met een musical-kamp. Dat is een uur hier vandaan, en ze blijft daar dus ook slapen. Het is de eerste keer dat ze zoiets gaat doen en ze kent helemaal niemand daar, maar ze heeft er helemaal zin in. Ze heeft thuis al een cd gekregen om de liedjes van tevoren te oefenen, en het hele gezin kent ze van voor tot achter.

Judith is vandaag weer begonnen op de Kindergarten. Die heeft nooit zo’n lange zomervakantie (al kan je gerust langer vrij nemen als je dat zelf wilt). Ze heeft zich nog niet echt verveeld thuis, maar ze had toch wel zin om haar vriendjes weer te zien. Zeker nu het buiten al herfst lijkt, is het wel weer mooi geweest met de vakantie.

En tussendoor vermaken we ons met Monopoly, spelen ze “ijshockey” op straat, plakken we vakantiefoto’s in onze albums en zoeken we alvast schriften, potloden en ander schoolbenodigdheden bij elkaar.

Er is nog één activiteit die we met spreekwoordelijk potlood in onze agenda’s geschreven hebben: op kraambezoek gaan in Nederland. We verwachten namelijk twee nieuwe neefjes/nichtjes in september. Maar ja, of die nog op tijd geboren worden voordat de scholen weer gaan beginnen…? (En of we dan nog een gaatje over hebben in onze drukke agenda’s… B-) )

Beestenboel

Onze vakantie in het Sauerland was aanvankelijk zeer geslaagd, maar viel uiteindelijk een beetje in het water. Niet (alleen) doordat het veel regende, maar doordat we ongewenst bezoek kregen van één of ander microscopisch klein wezentje dat 14 van de 17 vakantiegangers in meerdere of mindere mate ziek maakte. Een deel van de club ging daardoor eerder naar huis of zag af van verdere vakantieplannen na onze gezamenlijke week. Eerst maar eens uitzieken. Zo ook wij. We hadden nog even gehoopt naar Nederland te komen, maar dat is niet gelukt.

Na een weekje thuis te zijn geweest zijn we alsnog weer op pad gegaan, maar slechts een uurtje van huis. We hebben een vakantiewoning gehuurd in Oppenau. Dat is een klein dorpje in het Zwarte Woud, ter hoogte van Straatsburg. Mooie omgeving, en net te ver om op een zaterdag even heen te gaan. Precies leuk voor een weekje ontspanning.

De grootste attractie hier zijn de kippen van de eigenaar. Het zijn er nogal wat, in verschillende rennen tegen de heuvel op. Het leukst is de haan. Als de kinderen langs zijn hok rennen, kan hij zich niet inhouden en rent met ze mee. Heen en weer, heen en weer. Maar hoe trots hij ook kukelt, hij wint nooit. Ook leuk is het voeren van al die kippen. Dat heeft ons kroost al een paar keer mogen doen.

Gister gingen we op pad met Rosi het Roodborstje. Er is een wandeling uitgezet met allerlei informatie over vogels, wat puzzeltjes, een speeltuintje onderweg; precies naar onze smaak.

Vandaag gingen we nog avontuurlijker op pad, met een ziek paard. Dit was een heuse speurtocht: met een rugzak van de VVV kon je een route lopen met minstens 10 raadsels onderweg. Soms moest je een woord opzoeken op een info-bord, soms zat er een aanwijzing verstopt onder een grote steen en had je dus een spiegel nodig om ‘m te lezen, we telden sterren en kruizen in een kapelletje en ontmaskerden de geit op de torenspits van de kerk. En telkens gold: pas als de vraag was opgelost, konden we de volgende opdracht lezen. Want die zat telkens achter slot en grendel, bijvoorbeeld met een cijferslot of een letterslot. Gelukkig konden we uiteindelijk alles oplossen en is het paard weer gezond 😉 Toen hadden we er ook heel wat kilometertjes op zitten en was het tijd voor een ijsje en een speeltuintje. Even genoeg beesten voor vandaag, inclusief muggen in het bos. Alhoewel, momenteel wordt het kippenhok uitgemest en daar staan twee Commelinnetjes met hun neus bovenop. Met de handen in de zakken 😉

Gastblog

“Van de slimme kinderen en de domme tante”

Er was eens een familie die vakantie vierde. Niet zomaar een vakantie, maar met héél veel mensen. Opa, oma, ooms, tantes, neefjes, nichtjes; een grote club bij elkaar.
Ze hadden het reuze gezellig samen. Ze wandelden, ze deden spelletjes, ze speelden buiten én ze losten raadsels op. Sommige raadsels waren een makkie, dat antwoord wist je zo. Maar sommige waren pittig, van die echte hersenkrakers. Sommige raadsels waren eigenlijk een vraag. Een weet-vraag. ‘Waarom is olijfolie zo duur?’ ‘Hoeveel gram olijfolie zou je kunnen maken uit vijf olijven?’ ‘Zou zijde een goed ruilmiddel zijn als er geen geld zou bestaan of is koffie een beter idee?’ Belangrijke vragen, zonder meer. Want van vragen word je slim.
Er was één tante die eigenlijk op al die vragen geen antwoord wist. Als ze een vraag kreeg, deed ze alsof ze die niet hoorde. Maar dat lieten de kinderen niet zomaar gebeuren. Ze stelden de vraag gerust nog een keer. En nog een keer. De tante keek dan moeilijk, fronste haar wenkbrauwen en tuurde heel aandachtig in de verte. Je hoorde haar hersens kraken. Ze slikte een keer en deed haar mond open. Gespannen wachtten de kinderen af. Zou ze het weten?
Maar helaas. De tante deed wel een poging, soms met dure woorden. Maar het was niet het antwoord. Geen overtuigend argument. De kinderen slaakten een zucht. De tante ook. Ze nam zich voor meer te lezen en meer te leren. Want dat je nichtje en neefje slimmer zijn dan jij, dat kan natuurlijk niet.
Gelukkig voor het nichtje en neefje waren er nóg zeven andere grote mensen om mee te sparren. En de domme tante? Die kon prima vlinders kleuren en memory spelen met het kleinste nichtje. En ook dat was reuze gezellig!