Sneeuwpret

Het is hier koud. Echt winter, met soms een dagje zon en dan weer een paar dagen grauwigheid. Wat mij betreft mag het snel voorjaar worden, maar zolang dat niet gebeurt proberen we maar van de winter te genieten. Vandaag hadden we verder niets op de agenda staan, dus gingen we op zoek naar sneeuw. In Bernau was er een sneeuwsculpturen-wedstrijd aan de gang. Het leek ons leuk om dat eens te zien en dan meteen wat van de sneeuw te genieten. Nou, dat is gelukt. Hoe verder we reden hoe meer sneeuw er lag. Zeker wel zo’n 25 centimeter, en langs de kant van de weg was het opgeschoven tot een heuse “schutting”. Het uitzicht was prachtig, langs allerlei haarspeldbochten door de bergen heen. En de wegen waren gelukkig helemaal sneeuwvrij. Daar is heel wat moeite in gestoken denk ik 😉

In Bernau zelf stond alles tjokvol auto’s van toeristen die naar de sneeuwsculpturen kwamen kijken, kwamen skiën of wandelen, enzovoorts. En terecht, want het was daar leuk! Het was ook erg koud af en toe, met een beetje sneeuw en wind, maar gelukkig kwam de zon regelmatig om de wolken gluren. Echt skiën hebben wij niet gedaan, want Boaz en zeker Judith zijn daar nog te klein voor. Dan staat de helft van de groep dus aan de kant te kijken, dat is niet zo leuk. En wij zijn zelf ook niet bepaald ervaren, eigenlijk hebben we dan eerst les nodig. Bovendien kan Hannah volgende week haar hart ophalen: ze mag 5 dagen met de hele school op de ski’s! Ze heeft de kunst nu alvast een beetje afgekeken 🙂

Verder hebben we de grote sneeuwfiguren bekeken: een beer, een varken, een sfynx, een enorme boskabouter, en nog veel meer. En we hebben sleetje gereden en geprobeerd een stukje te wandelen. Dat laatste is weer niet zo heel erg goed gelukt; als je een slee met kind(eren) door de sneeuw achter je aan probeert te trekken is het toch al snel te steil / glad / diep om lekker door te wandelen. Eigenlijk moeten we het nog eens proberen met van die speciale sneeuwschoenen, dat ziet er ideaal uit bij mensen die voorbij komen. Het zijn een soort eskimo-schoenen, die je loop-oppervlak vergroten en veel grip geven. Misschien dat het daarmee beter gaat. We blijven het proberen… In deze omgeving zijn er opties genoeg. We hebben onderweg heel wat ski-liftjes gezien en ook allerlei andere sneeuwpret met sledes, langlauf-ski’s, snowboards enzovoorts.

We blijven ons erover verwonderen hoe de bergen een compleet andere wereld vormen dan het dal ernaast. De huizen zijn anders, sowieso veel meer verspreid door het landschap, de wegen zijn uiteraard van een heel ander kaliber en daardoor het rijden ook, je uitzicht is na elke bocht anders – aan de ene kant kan je soms heel ver kijken doordat je hoog zit, maar tegelijk wordt je zicht beperkt door die gigantische brokken steen en besneeuwde bossen die voor je oprijzen. Het landschap is een soort “besloten”. En je voelt je klein temidden van de indrukwekkende natuur. Het leven in de bergen lijkt voor ons toeristen-oog veel langzamer te gaan, veel vrediger en minder hectisch dan in de stad. Veel eenzamer ook. We zaten er een beetje over te filosoferen hoe het zou zijn om op zo’n afgelegen boerderij te wonen, of in een huis in het bos. Volslagen onpraktisch, heel erg stil, maar ook wel weer super romantisch en avontuurlijk… Als ik daar even over verder fantaseer, zie ik het zo voor me. Een huisje met een open haard die je dag en nacht moet laten branden omdat anders het water in je wc bevriest, waar je ‘s morgens eerst een halve meter sneeuw weg moet schuiven voordat je de oprit af kunt, waar je je brandhout zelf sprokkelt in het bos, waar ‘s zomers je hele familie kan kamperen in het weiland dat je toch over hebt, waar de kinderen eindeloos buiten kunnen spelen zonder iemand te storen, waar de eekhoorns en zwijnen (en wolven en beren?) langs je huis struinen… En natuurlijk willen we dan het liefst zo’n prachtig houten huis met grote balkons en houtsnijwerk en ‘s zomers allemaal geraniums…

Maar goed, we zijn niet van plan te verhuizen, dus als het tijd is om naar huis te gaan slaken we een diepe zucht en rijden terug naar het dal, naar de nuchtere, praktische, comfortabele en onromantische alledaagse werkelijkheid. Naar het leven waar gewerkt en geleerd en opgeschoten moet worden, en waar de sneeuw niet komt.

Boaz heeft al ontdekt dat je vanaf een fietspad tegenover zijn Kindergarten een prachtig doorkijkje hebt naar het Zwarte Woud, en als we met de auto over de rondweg rijden liggen de besneeuwde bergen ook uitnodigend voor ons. Zo zien we ook “im Alltag” af en toe een glimpje van die andere, verre, poëtische wereld. En fantaseren we even hoe het zou zijn om niet rechtsaf te slaan naar huis, maar rechtdoor te fietsen, steeds verder, net zo lang tot je in de bergen bent. Tot je alle alledaagsheid en gewoonheid achter je hebt gelaten, en het grote avontuur begint.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *