Verstopt!

“Adam, waar ben je, waar heb je je verstopt? Adam, waar ben je, waar heb je je verstopt?” Dat is het favoriete liedje van Judith, en het standaard verzoeknummer als we in de auto zitten. Enthousiast zingt ze mee – en ze doet het thuis na!

Regelmatig zit mevrouw “in de kast”. Ze knijpt dan haar ogen stijf dicht, telt “een – twee – vier – fünf” en komt met een luide “kiekiek!” tevoorschijn.

Soms zit ze ook op andere plekjes, maar deze is favoriet. En ze denkt serieus dat iedereen in die kast kan, zelfs met de deurtjes dicht. Twee weken terug zocht ze bijvoorbeeld opa Geurt tussen de pakken sap en de blikjes maïs. Helaas, daar zat hij niet…

Niet alleen Judith zelf wordt verstopt. Ook bibliotheekboeken kunnen dat verdraaid goed… Gelukkig hebben we ze tot nu toe altijd tijdig teruggevonden, maar het is soms kantje boord. En dan de figuurtjes op kleurplaten. Juut kleurt tegenwoordig het liefst met één kleur: “donker”. Daarmee worden alle poppetjes en dieren volledig bedekt. Waarom? Nou, natuurlijk omdat ze zich verstoppen! 🙂

Dat zijn de onschuldige verstop-acties. Hannah kan er ook wat van, maar dat vind ik soms minder geslaagd. Pas kwam ik haar ophalen bij school en was ze nergens te vinden! Haar fiets was er wel, en haar tas ook, maar zij zelf was foetsie. Dan sta je toch even raar te kijken. Ik ging maar naar binnen om de juf te vragen of zij wist waar mijn dochter uithing. Nee, ze had geen idee, volgens haar was Hannah gewoon naar buiten gegaan. Ze keek even door het raam, en ja hoor! Daar stond ze gewoon op het plein! Ik naar buiten, en weg was ze weer. Ze had zich verstopt B) Dan voel je je toch even lelijk voor schut gezet hoor… Ik had bijna zin om mezelf ook te verstoppen 😉

Op woensdag is Hannah al om half één uit tegenwoordig. Dan komt ze zelf naar huis, en een uur later haal ik Boaz op. Omdat onze dame al bijna volwassen is, mag ze dan even helemaal alleen thuis blijven en alvast haar huiswerk maken. Dat is natuurlijk heel stoer! Maar ook dan heeft ze haar verstop-acties. Zodra ze ons terug hoort komen, verstopt ze zich ergens in huis. En daar is ze behoorlijk goed in, je vindt haar niet zomaar even snel. Dus ja, de eerste keer vond ik dat ook niet heel grappig… Inmiddels ken ik het trucje en begin ik luid en duidelijk over snoepjes / koekjes / filmpjes of iets dergelijks. Dat gaat sneller dan het hele huis omspitten. 🙂

Bij Judith werkt het tot nu toe gelukkig nog zonder snoepjes: zodra ik begin te zingen “Judith, waar ben je, waar heb je je verstopt?” komt ze met een grote grijns tevoorschijn. “Kiekiek! Ikke topt!”

In bad

Gisteravond ben ik in bad geweest. En in wat voor een bad…

Dit is één van de baden in de Vita Classica thermen. 36 graden, als ik het goed onthouden heb. Heeeeeerlijk. En zo zijn er nog meer van die warme baden, eentje zelfs buiten. Ik had al vaak een grote wolk stoom zien opstijgen als ik ’s avonds door de buurt liep of fietste, maar nu heb ik er ook zelf van genoten, samen met m’n zus. Lekker al kletsend in het warme water hangen, drie keer achtereen door de stroomversnelling of proberen hoe lang we in het bubbelbad konden blijven zitten. We zijn weer helemaal relaxed!

De thermen zijn niet alleen bedoeld voor mensen als wij, die gewoon voor ons plezier een avondje gaan badderen. Er zijn ook veel programma’s voor mensen met reuma, hartproblemen, en allerlei andere ziektes. Het water hier schijnt bijzonder heilzaam te zijn – al weet ik eigenlijk niet of dat speciale water nou echt in al die zwembaden zit.

De eerste bron werd al gevonden in 1911. Door meneer Thürach, vandaar dat wij in de Thürachstraße wonen.

De Nena-bron

Sindsdien zijn er ook nog andere bronnen gevonden, en is er dus een groot complex omheen gebouwd met baden en sauna’s. De Vita Classica is één van de redenen waarom er hier in de buurt zoveel klinieken en hotels zijn: de hele omgeving komt hier naartoe om schoon en ontspannen en gezond te worden. Vroeger nog meer dan nu, omdat de verzekering toen ruimhartiger vergoedingen gaf voor dit soort therapieën. Uit die tijd stammen de houten reclame-figuren die nog altijd aan de weg staan.

Je ziet het: kromgebogen komen de mensen naar de bron, en fier rechtop lopen ze er weer vandaan. 🙂 Zo erg was het met ons niet gesteld gelukkig, maar we zijn wel lekker opgefrist en ontspannen. Een geslaagd uitje bij de buren!

Zilvervloot en een verrassing

Gistermiddag kwam hier de zilvervloot aan: een grote zwarte Volvo met brandhout, boeken, tijdschriften, broodmeel, een peuterfietsje, ranja, rookworst… en als speciale “lading” onze tante Anita en nichtje Lara! Jullie raden het al, de kapitein was opa Troost en zijn schip kwam uit Staphorst naar ons toe. Het plan was dat deze drie mensen hier een paar nachtjes zouden logeren.

Maar er was iets vreemds aan de hand. Amper waren alle spullen uitgepakt en de rust weergekeerd, wandelde er een blonde kerel binnen! Wie dat nou weer was?!

Arjan had het dwaze plan opgevat om zijn beide dames te verrassen door stiekem met de trein voor ze uit te reizen en ook naar ons toe te komen. En dat is grandioos gelukt 😉 De verbazing was groot, maar hij was uiteraard van harte welkom. En dus zit opa vandaag met Arjan op de Belchen om te skiën, verbrengt Johan zijn vrijgenomen dag in bed omdat hij ziekig is, en geniet de rest van de aanwezigheid van “tante-Nieta” en “baby-Lara”. Die kleine meid heeft voor de gelegenheid een heus paspoort laten maken en de reis van haar leven ondernomen om ons met een bezoekje te vereren. Dat is toch lief, nietwaar? 🙂

Al met al is het bezoekseizoen hier weer in volle gang. Afgelopen weekend hadden we drie gasten uit Lelystad, nu vier uit Staphorst, en volgende week verwachten we er eentje uit Ede. Gezellig hoor!

Opnieuw sneeuwpret

Ik had beloofd om foto’s van Hannah’s ski-week te plaatsen. Die heb ik nog niet, maar we zijn vandaag naar dezelfde plek geweest met pa, ma en Jonathan. Hannah heeft haar kunsten laten zien, “de mannen” gingen ook skiën en de rest heeft zich vermaakt met zonnebaden en sleetjerijden.

Eerlijk is eerlijk, het kostte heel wat tijd en moeite voor we daadwerkelijk konden starten. Eerst moesten er natuurlijk sneeuwpakken en wanten en mutsen en ski-sokken en pakjes drinken en koekjes en boterhammen enzovoorts enzovoorts enzovoorts worden ingepakt. Toen gingen we met twee auto’s naar de Notschrei, zo’n drie kwartier rijden. Daar moest het ontbrekende arsenaal aan spullen worden gehuurd: ski’s, helmen, skischoenen. Dat kostte een uur in de rij staan. En betalen kon alleen contant en dat hadden ze niet genoeg bij zich, dus moesten de dames nog maar even naar Todtnau rijden om daar geld te halen. Vervolgens dus parkeren… ai ai ai. Het was echt stampvol. Waarschijnlijk omdat het fantastisch zonnig weer was, en omdat de sneeuw het wellicht niet zo lang meer volhoudt. Een goede dag dus om nog even een keertje volop te genieten – vond de halve omgeving.

Maar de mensen hadden gelijk. Het was heerlijk zonnig en warm (dus de mutsen en wanten en extra laagjes kleren hadden we thuis kunnen laten, en zonnebrandcrème was handig geweest). We hebben ervan genoten! Deze plek was geschikt voor groot en klein: een leuke ski-piste, maar ook een grote slee-helling waar je zelfs met een lopende band weer omhoog kon tuffen als je geen zin had om te sjouwen, en patatjes voor de honger. Als dan ook de zon nog schijnt, is onze dag geslaagd 🙂

Ski-week

Hannah heeft deze week enorme mazzel: ze is met school op ski-week. Wij noemden dat vroeger “schoolreisje” en gingen dan één dag op pad, maar hier gaan ze vijf dagen. Dat is bij skiën ook wel zinvol; dat leer je niet leuk in één dagje. Dus gaan ze steeds om half 9 de bus in, en komen ze tegen half 3 weer terug. Hannah geniet met volle teugen.

Het was voor haar de eerste keer dat ze op de ski’s stond. Gelukkig was ze daarin niet de enige, dus ze mocht meedoen met de beginnersgroep. Omdat school dit elk jaar opnieuw organiseert zijn sommige kinderen inmiddels al heel ervaren; de vierdeklassers schijnen van de zwarte piste naar beneden te roetsjen… Petje af! (en ogen dicht…)

De eerste dag heeft Hannah de basistechnieken geleerd: hoe moet je opstaan als je gevallen bent, hoe moet je remmen, hoe maak je bochten, enzovoorts. De tweede dag mocht ze al met zo’n soort lopende band een stukje omhoog, en dan naar beneden skiën. De derde dag mocht ze onder begeleiding met de echte ski-lift omhoog, en gisteren mochten ze zelfstandig aan de slag. Vandaag wordt het geheel afgerond met een soort wedstrijd. Als het goed is worden daar ook foto’s gemaakt; als er iets binnenkomt zal ik het hier plaatsen.

Het weer werkt geweldig mee deze week. Maandag in de bus sneeuwde het nog, maar bij aankomst werd het droog en in de loop van de week zelfs steeds zonniger. Dus nu moeten er zonnebrillen en zonnebrandcrème mee naar boven! We hopen maar dat de sneeuw niet té hard smelt, zodat er de komende weken ook nog even van genoten kan worden door familie die hier op bezoek komt. Maar goed, begin van de week lag er nog 85 cm op de piste, dat is nog niet allemaal weg.

Johan en ik voelen ons inmiddels een beetje buitenbeentjes. Onze dochter racet ons er finaal uit natuurlijk, en verschillende mensen in de familie kunnen ook erg goed skiën. Maar wij… wij zijn ooit één dagje naar Willingen geweest en hebben dat zonder botbreuken volbracht, maar daar is het tot nu toe bij gebleven. Eigenlijk hebben we eerst les nodig voor we goed mee kunnen doen, maar dat is tot nu toe niet zo handig te regelen omdat de jongste(n) nog niet mee kunnen doen. Naja, we zullen het zien. Misschien wagen we het erop, en anders hebben we nog even geduld. Dan gaan we knus naast elkaar op een bankje zitten tussen alle andere bejaarden en baby’s, en kijken we hoe de jonge garde naar beneden komt suizen 🙂 Dan hebben we in ieder geval tijd om een mooie foto te maken!

En zoals Hannah zei: “Je moet niet zo klagen mama! Jij ging vroeger met school zwemmen of naar de dierentuin of naar het pannenkoekenhuis, dat is ook leuk. Je kunt nou eenmaal niet alles hebben!”

Zo is het maar net 🙂

Dan weten zij het ook

Een grappenmaker heeft mij onlangs uitgelegd wat het nou precies betekent om in het onderwijs te werken:

Ik weet iets wat zij niet weten. Dan vertel ik dat aan hen. En dan weten zij het ook. En daar krijg ik dan geld voor.

Timzingt

Zo makkelijk is het. Punt. Nee, niet punt. Dubbele punt: want nu begint het pas. Ik moet namelijk op een gegeven moment ook toetsen of “zij” het daadwerkelijk ook weten. En daar komt heel wat bij kijken.

Er moet een tentamen (Klausur) worden gemaakt. Dat moet eerlijk zijn, en dus voldoen aan allerhande voorschriften. Zo is er bij wet vastgelegd dat een meerkeuze-toets met een voldoende moet worden beoordeeld als meer dan 40% van de vragen correct is beantwoord. Ongeacht het vakgebied of het niveau van de vragen. Geen meerkeuze-toets dus.

Vrijdag 1 februari zaten er dus zo’n 70 studenten te zwoegen op 5 open vragen. Drie uur lang. Dat leverde een enorme stapel papierwerk op. Want iedere student leverde ongeveer 8 paginas uitwerkingen in.

Vervolgens moet er binnen een week een officieel moment georganiseerd worden, waarbij studenten hun nagekeken tentamen in kunnen zien. Het zogeheten Klausureinsicht. Dat betekent dus ook, dat er binnen een week een enorme stapel tentamens nagekeken moet worden. Vorige week maandag heb ik dus samen met 6 anderen een hele dag lang met een rode pen strepen en opmerking in die tentamens zitten krabbelen.

Daarna moesten de cijfers uitgerekend worden. Dat gaat een beetje anders dan in Nederland. Heb je minder dan de helft van de punten, dan krijg je een 5. Onvoldoende. Heb je meer dan de helft van de punten, dan krijg je een cijfer tussen de 4 (zeer matig) en de 1 (uitstekend).

Woensdag was de grote dag. Om 8 uur ’s ochtends samen met de prof en een hele stapel tentamens naar de collegezaal. De studenten stonden al samengedromd op ons te wachten. Voorin de collegezaal stond een hele lange tafel waarop we de tentamens in alfabetische volgorde hebben uitgestald. Vervolgens mochten de studenten één voor één naar binnen komen, hun collegekaart laten zien, en daarna met hun tentamen ergens in de zaal plaatsnemen.

Nu moeten jullie niet denken dat er dan zo’n 10 à 15 studenten komen. Nee… iedereen komt. Want dit is je enige kans om je cijfer te weten te komen voordat het officieel wordt vastgelegd. Als je daarna nog een opmerking wilt maken dan moet je een juridische procedure opstarten. Uiteraard worden bij het nakijken wel eens een paar foutjes gemaakt, en daarom is het zaak om nu zorgvuldig het tentamen te screenen op onrechtvaardige rode strepen of verkeerd opgetelde punten.

Ongeveer de helft van de studenten had het tentamen gehaald. En ongeveer de helft van de studenten leverde hun ingekeken tentamen zonder opmerkingen weer bij mij in. Ofwel met een wanhopig gezicht omdat het aantal behaalde punten dichtbij het vriespunt lag, ofwel opgewekt omdat ze blij waren dat ze het tentamen gehaald hadden. De andere helft trok alles uit de kast. Met algemene vragen mochten ze naar mij toe. Voor klachten over een onterechte beoordeling moest ik ze doorverwijzen naar de prof. Uiteindelijk waren we bij drie studenten vergeten een los blad na te kijken.(Schrijf volgende keer a.u.b. even op dat je opgave 3 op een apart vel uitwerkt, nadat je je eerste poging hebt doorgekrast.) Bij twee andere studenten hadden we punten niet helemaal goed opgeteld. (Excuses!) De rest heeft ijverig geprobeerd om nog wat punten bij elkaar te sprokkelen; maar mijn prof heeft ze als een Russische grenswacht duidelijk gemaakt hoe de zaken ervoor stonden. (Waarom weet u zo goed hoe Russische grenswachten zich gedragen? Ach ja, ik ben ook jong geweest… en dan doe je wel eens onverstandige dingen…)

Maar wat moet je nu doen als student wanneer je niet bij het Klausureinsicht aanwezig kunt zijn? Dan geef je een volmacht (met handtekening!) aan een medestudent, zodat die jouw tentamen mag bekijken. Daar werd handig gebruik van gemaakt. Als je denkt dat je de stof niet zo goed beheerst, maar je wilt toch graag extra punten halen, dan stuur je gewoon een getalenteerde medestudent om je puntenaantal wat op te krikken. Helaas, die vlieger ging ook niet op.

Afijn, na ruim twee uur waren alle studenten weer vertrokken en konden we beginnen aan de laatste etappe. Alle cijfers op een speciaal formulier invullen en inleveren bij het cijferkantoor. Daar worden alle cijfers en tentamens gearchiveerd en ruim 10 jaar zorgvuldig bewaard.

En al die studenten die het tentamen niet gehaald hebben? Die mogen naar het hertentamen komen. En dan begint de hele riedel weer opnieuw. Surveilleren. Nakijken. Klausureinsicht. Maar daar wil ik nu nog even niet aan denken. Na een enerverende week begint nu een periode van ruim twee maanden zonder onderwijsverplichtingen. Dat betekent dat ik nu weer even volop aan de slag kan met mijn onderzoek. Daar zie ik erg naar uit.

Voor de liefhebber is hier (een equivalente vorm van) opgave 1.a van het tentamen:
Laat zien dat er geen breuk $x = p/q$ (dus $p$ en $q \ne 0$ geheel) bestaat zodat $x^3 – 5x^2 + 3 x – 2 = 0$.
Oplossingen kunnen per email worden ingeleverd bij de auteur.

Sneeuwpret

Het is hier koud. Echt winter, met soms een dagje zon en dan weer een paar dagen grauwigheid. Wat mij betreft mag het snel voorjaar worden, maar zolang dat niet gebeurt proberen we maar van de winter te genieten. Vandaag hadden we verder niets op de agenda staan, dus gingen we op zoek naar sneeuw. In Bernau was er een sneeuwsculpturen-wedstrijd aan de gang. Het leek ons leuk om dat eens te zien en dan meteen wat van de sneeuw te genieten. Nou, dat is gelukt. Hoe verder we reden hoe meer sneeuw er lag. Zeker wel zo’n 25 centimeter, en langs de kant van de weg was het opgeschoven tot een heuse “schutting”. Het uitzicht was prachtig, langs allerlei haarspeldbochten door de bergen heen. En de wegen waren gelukkig helemaal sneeuwvrij. Daar is heel wat moeite in gestoken denk ik 😉

In Bernau zelf stond alles tjokvol auto’s van toeristen die naar de sneeuwsculpturen kwamen kijken, kwamen skiën of wandelen, enzovoorts. En terecht, want het was daar leuk! Het was ook erg koud af en toe, met een beetje sneeuw en wind, maar gelukkig kwam de zon regelmatig om de wolken gluren. Echt skiën hebben wij niet gedaan, want Boaz en zeker Judith zijn daar nog te klein voor. Dan staat de helft van de groep dus aan de kant te kijken, dat is niet zo leuk. En wij zijn zelf ook niet bepaald ervaren, eigenlijk hebben we dan eerst les nodig. Bovendien kan Hannah volgende week haar hart ophalen: ze mag 5 dagen met de hele school op de ski’s! Ze heeft de kunst nu alvast een beetje afgekeken 🙂

Verder hebben we de grote sneeuwfiguren bekeken: een beer, een varken, een sfynx, een enorme boskabouter, en nog veel meer. En we hebben sleetje gereden en geprobeerd een stukje te wandelen. Dat laatste is weer niet zo heel erg goed gelukt; als je een slee met kind(eren) door de sneeuw achter je aan probeert te trekken is het toch al snel te steil / glad / diep om lekker door te wandelen. Eigenlijk moeten we het nog eens proberen met van die speciale sneeuwschoenen, dat ziet er ideaal uit bij mensen die voorbij komen. Het zijn een soort eskimo-schoenen, die je loop-oppervlak vergroten en veel grip geven. Misschien dat het daarmee beter gaat. We blijven het proberen… In deze omgeving zijn er opties genoeg. We hebben onderweg heel wat ski-liftjes gezien en ook allerlei andere sneeuwpret met sledes, langlauf-ski’s, snowboards enzovoorts.

We blijven ons erover verwonderen hoe de bergen een compleet andere wereld vormen dan het dal ernaast. De huizen zijn anders, sowieso veel meer verspreid door het landschap, de wegen zijn uiteraard van een heel ander kaliber en daardoor het rijden ook, je uitzicht is na elke bocht anders – aan de ene kant kan je soms heel ver kijken doordat je hoog zit, maar tegelijk wordt je zicht beperkt door die gigantische brokken steen en besneeuwde bossen die voor je oprijzen. Het landschap is een soort “besloten”. En je voelt je klein temidden van de indrukwekkende natuur. Het leven in de bergen lijkt voor ons toeristen-oog veel langzamer te gaan, veel vrediger en minder hectisch dan in de stad. Veel eenzamer ook. We zaten er een beetje over te filosoferen hoe het zou zijn om op zo’n afgelegen boerderij te wonen, of in een huis in het bos. Volslagen onpraktisch, heel erg stil, maar ook wel weer super romantisch en avontuurlijk… Als ik daar even over verder fantaseer, zie ik het zo voor me. Een huisje met een open haard die je dag en nacht moet laten branden omdat anders het water in je wc bevriest, waar je ‘s morgens eerst een halve meter sneeuw weg moet schuiven voordat je de oprit af kunt, waar je je brandhout zelf sprokkelt in het bos, waar ‘s zomers je hele familie kan kamperen in het weiland dat je toch over hebt, waar de kinderen eindeloos buiten kunnen spelen zonder iemand te storen, waar de eekhoorns en zwijnen (en wolven en beren?) langs je huis struinen… En natuurlijk willen we dan het liefst zo’n prachtig houten huis met grote balkons en houtsnijwerk en ‘s zomers allemaal geraniums…

Maar goed, we zijn niet van plan te verhuizen, dus als het tijd is om naar huis te gaan slaken we een diepe zucht en rijden terug naar het dal, naar de nuchtere, praktische, comfortabele en onromantische alledaagse werkelijkheid. Naar het leven waar gewerkt en geleerd en opgeschoten moet worden, en waar de sneeuw niet komt.

Boaz heeft al ontdekt dat je vanaf een fietspad tegenover zijn Kindergarten een prachtig doorkijkje hebt naar het Zwarte Woud, en als we met de auto over de rondweg rijden liggen de besneeuwde bergen ook uitnodigend voor ons. Zo zien we ook “im Alltag” af en toe een glimpje van die andere, verre, poëtische wereld. En fantaseren we even hoe het zou zijn om niet rechtsaf te slaan naar huis, maar rechtdoor te fietsen, steeds verder, net zo lang tot je in de bergen bent. Tot je alle alledaagsheid en gewoonheid achter je hebt gelaten, en het grote avontuur begint.

Creatief bezig

Het is koud en guur en grauw buiten, dus ik ben maar weer ’s aan het haken en breien geslagen. Eerst heb ik een lampenkapje gehaakt – dat moest eigenlijk al vanaf de verhuizing, maar ik had nog geen inspiratie 😉 En nu brei ik een muts, gewoon omdat ik leuke wol zag en er op internet heel veel mooie patronen te vinden zijn. En een muts komt altijd van pas, die draag ik tegenwoordig dagelijks.

Het leuke is, dat mijn gefreubel kennelijk aanstekelijk werkt. Niet op Johan hoor, dat duurt nog wel even. Momenteel zijn zowel Hannah als Boaz enthousiast voor handwerken en naaien. Op school heeft Hannah elke week “kunst”, en de laatste weken waren ze daar ook met wol in de weer. Ze had een heel leuk werkje meegekregen: een bierviltje met een gat in het midden en knipjes langs de rand, waar je vervolgens super simpel een soort punnik-werkje mee kunt maken. Het komt erop neer dat je acht knipjes hebt en zeven draden, zodat er steeds een gleufje leeg is. Daarvandaan tel je dan drie draden verder, en die draad verleg je naar het lege plekje. Zo kan je eindeloos doorgaan, en in het middelste gat verschijnt langzaam maar zeker een gepunnikte streng waar je bijvoorbeeld een armbandje van kunt maken. Dat moest Boaz natuurlijk ook proberen – hij is nog maar twee centimeter op weg, maar toch. Het begin is er en ze zijn broederlijk samen bezig geweest.

Bij de Aldi hadden ze pas een leuk naaiboek met projecten voor kinderen. Dat kon ik niet laten liggen… Er staan allerlei eenvoudige ideetjes in: een hoes voor je blokfluit, een hoes voor je tablet, een speldenkussentje, enzovoorts. Hannah ging meteen aan de gang met een haarband. Ze vond het erg leuk om te doen, al mag ze van mij nog niet zelf op de naaimachine (onzin natuurlijk! Mama’s ook altijd…). Ze kwam er nu uit eigen ervaring achter dat “naaien” eigenlijk veel meer inhoudt dan naaien. Ze moest een patroon overnemen, dat uitknippen, op de stof spelden, weer uitknippen, dan de juiste stukken aan elkaar puzzelen en vastspelden… een hele klus! Maar het resultaat mag er zijn. Toen moest Boaz natuurlijk ook iets maken. Bij hem stopt het enthousiasme al een stukje eerder, als stof knippen toch iets lastiger is dan papier knippen bijvoorbeeld. En hij vindt vastspelden niet zo nodig, zonder lukt het ook wel 🙂 Maar uiteindelijk hebben we “samen” een mooie slaapbril gemaakt zodat hij voortaan in de auto kan slapen zonder last te hebben van voorbij flitsende lantaarnpalen. Vandaag is er een gymtas genaaid, en Hannah is bezig met labeltjes voor aan haar tas / sleutel / iets dergelijks. Waarschijnlijk is het nieuwtje er daarna wel weer even af, maar dat geeft niet. We halen het boekje over een paar maanden gewoon nog eens voor de dag. En tussendoor bedenk ik dan gauw een projectje voor mezelf 😉

Ook op andere gebieden zijn de kinderen eigenlijk best creatief bezig nu ik erover nadenk: Boaz en ik hebben een kijkdoos gemaakt, Hannah en Boaz waren druk met van die nieuwe hippe strijkkraaltjes die je niet hoeft te strijken maar alleen nat moet sproeien, er wordt af en toe gekleid (vooral door Judith, die de lekkerste ijsjes maakt) en Hannah was ijverig bezig met schilderen-op-nummer. Jammer genoeg werkte Judith op een onbewaakt ogenblik even ijverig verder aan dat schilderij, maar de gevolgen daarvan heb ik ‘s avonds stiekem zo goed mogelijk weer weggewerkt… Er is tenslotte een grens aan creatieve uitingen. Ze moeten wel binnen de gewenste kaders blijven.

Dat Johan niet creatief is, is trouwens niet helemaal waar. Wiskundige problemen oplossen vraagt ook om ideeen en invalshoeken die een ander nog niet heeft geprobeerd. Om iets nieuws te bewijzen moet je een weg kunnen vinden buiten de platgetreden paden, dat vind ik ook een vorm van creativiteit. En die lijkt ook aanstekelijk, want Hannahs meester vertelde in het halfjaargesprek dat onze meis geniet van wiskunde, vooral van nieuwe uitdagingen die geen recht-toe-rechtaan oplossing hebben maar uitgepuzzeld moeten worden. Bij dat bericht zag ik uit m’n ooghoeken een twinkeltje verschijnen op het gezicht van papa Johan. En terecht, want wat is er nou leuker dan je eigen hobby’s delen met je kroost…