Fantasie

Ik heb bijna kramp in m’n kaken van het serieus blijven kijken. Ik zat gisteren met Boaz in de auto om Hannah bij een vriendinnetje op te halen (Yes! We zijn blij dat ze eindelijk een speelafspraakje had!). Vanaf de achterbank werd een fantastisch verhaal opgedist – of beter gezegd, werd me in herinnering gebracht wat ik weliswaar al lang vergeten ben omdat het zo lang geleden is, maar wat Boaz nog tot in detail weet.

Het ging ongeveer zo: Toen Boaz geboren was ging hij eerst een nacht heerlijk slapen. Toen werd hij wakker en keek uit het raam naar buiten. Daar zag hij soldaat Opa en ridder Hendrik-Jan heel hard vechten met een super gevaarlijke draak. Hoe ze dat precies aanpakten ben ik – alweer – vergeten, maar ze sloegen in ieder geval al z’n tanden eruit want dan kunnen monsters niet meer brullen (dat weten we natuurlijk allemaal, zo gaat dat nu eenmaal). En later hebben ze ‘m helemaal dood gemaakt met een zwaard en een speer.

Boaz moest er nog even van zuchten. Wow, wat een dappere familie hebben wij toch. Dat ik dat helemaal niet meer wist is niet zo gek, mama vergeet wel vaker wat… Gelukkig heeft hij het nog onthouden zodat de heldendaden niet roemloos vergeten worden.

Ook Hannah heeft soms een rijke fantasie, veelvuldig gevoed door alle boekjes die ze leest. Daar kan ze heerlijk over dagdromen. Pas zat ze zelfs zó in haar fantasie dat ze graag in de auto wilde blijven wachten terwijl ik boodschappen deed, dan kon ze nog even ongestoord verder dromen. Uiteindelijk deed ze dat toch maar niet trouwens, want ze wilde toch wel erg graag zelf een lekker broodje uitzoeken bij de Lidl. Soms moeten dagdromen het afleggen tegen de nuchtere werkelijkheid 🙂

Het liefst bedenkt Hannah hele scenario’s die weliswaar niet zó waarschijnlijk zijn, maar toch zouden kunnen gebeuren. Dan ben je maar liever voorbereid. In de vakantie was ze bijvoorbeeld helemaal aan het uitdenken hoe je uit een gevangenis kunt ontsnappen. Je weet maar nooit wanneer dat van pas komt. Ik hielp haar een beetje op weg door te vertellen dat er wel ’s iemand is ontsnapt door met een lepel een tunnel te graven, of doordat z’n vrienden met een helikopter boven de binnenplaats gingen hangen. Maar ja, die trucjes kennen de bewakers nu ook, dus er moest iets origineels bedacht worden. En laat oom Hendrik-Jan nu precies daarover een berichtje in de krant zien staan! Er was een gevangene die z’n straf erop had zitten en naar huis mocht. Hij kreeg een grote zak om z’n bezittingen in te doen en werd vriendelijk uitgezwaaid. Tot bleek dat er in die zak geen spulletjes, maar een medegevangene zat! Dit soort verhalen vindt Hannah (en Boaz ook trouwens) helemaal het einde. Wát een slim idee, die onthoudt ze voor later. En wát een domme bewakers, want Hugo de Groot was ook al op zo’n soort manier ontsnapt. Dat hadden ze toch kunnen weten! 🙂

Zelfs Judith begint af en toe te fantaseren. Je merkt dat ze bepaalde verbindingen begint te leggen. Sowieso wordt de pop ineens vertroeteld sinds mama Judith baby-jara heeft gezien. Ik word driftig tot stilte gemaand als de pop moet slapen, de pop krijgt regelmatig een dikke knuffel en meerdere keren per dag gaat z’n slaapzak aan en uit. De pop fleurt er helemaal van op, na jaren verwaarlozing. Maar ook liedjes speelt ze nu na. In de auto hebben we een cd’tje met “Adam, waar ben je? Heb je je verstopt?” Die vindt Judith heel erg leuk. En tadaaa, ze verstopt zich thuis prompt in het kastje onder de kapstok of in haar eigen commode. Ik moet dan het deurtje even dichtdoen van de buitenkant, en niet opmerken dat er ineens een hele hoop kleding náást het kastje ligt, en dan schrik ik me een hoedje als – “BOE! HIER ISSIE!” – er ineens een peuter tevoorschijn komt.

Intussen droom ik m’n eigen dromen. Over geduld en vriendelijkheid, en over een moeder die precies weet hoe ze de dwarse buien van een peuter ombuigt in een positief leerpunt. Die ook om vier uur ’s middags nog uitstraalt hoe ze geniet van haar kroost en die ’s avonds uit puur plezier nog even alle speelgoed opruimt zodat het huis altijd keurig aan kant is. Je weet maar nooit of dat nog ’s van pas komt. Dan ben je maar liever voorbereid.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *