Voertuigpech en een heerlijke wandeling

We hadden deze week nogal wat voertuigpech. Eerst had ik zelf een lekke band, toen vloog Boaz z’n ketting eraf op weg naar huis, en tenslotte had Hannah een lekke band. Tenminste, we hoopten dat dat “tenslotte” zou blijven. Maar nee.

Donderdag moest papa voor werk in Frankfurt zijn. Toen was het natuurlijk een logische stap om z’n vrouw gezellig mee te nemen en bij ons te overnachten! En omdat ze vrijdag niets bijzonders in de agenda hadden staan, gingen ze samen naar Münstertal om de Belchen te beklimmen. Toen ze na een geslaagde wandeling weer terug wilden rijden, gaf hun auto er echter de brui aan. Ze kregen ‘m zelf niet meer aan de praat en ook een telefoontje naar Nederland bracht geen uitkomst. Gelukkig hadden ze een verzekering voor pechhulp in het buitenland, en uiteindelijk werd de auto kapot en wel afgeleverd bij een garage in Bad Krozingen. Maar dat kostte natuurlijk heel wat telefoontjes en heel wat wachten.

En daarmee was het probleem niet opgelost. Zaterdagmorgen gingen we dus maar weer naar de garage. De monteur had al snel gezien wat er mis was en dat dat het beste gerepareerd kon worden bij de Nederlandse garage die onlangs een grote reparatie aan de versnellingsbak had uitgevoerd. Dus gaat de auto volgende week op transport naar Nederland. En wij zouden een leenauto krijgen waarmee papa en Jantie terug konden naar Nederland. Uiteindelijk duurde dat ook nog een paar uur en moesten we ervoor naar Freiburg, maar het is gelukt. Voor een leek is het verschil met hun eigen auto amper te zien, behalve dat er nu witte nummerborden op zitten in plaats van gele 😉

En na al dat geregel maakten we dus toch nog een heerlijke wandeling! Ons oorspronkelijke plan om naar de watervallen bij Schaffhausen te gaan was in het water gevallen, maar tijdens het wachten bij de autogarage had ik in een krant gezien dat wegwerkzaamheden bij Freiburg versneld waren afgerond en daarmee de weg naar de Ravennaschlucht weer vrij was. Dat was goed nieuws, want daar wilden we graag nog eens naartoe. En het ligt voorbij Freiburg, dus kon goed gecombineerd worden met het ophalen van de huurauto. We stopten zoveel mogelijk spullen en mensen in onze auto, de rest in de trein, en togen naar Freiburg. Vervolgens dus met twee auto’s verder naar de Ravennaschlucht. Na een heerlijke picknick liepen we het ravijn op en neer. Inclusief pauzes is dat een tocht van zo’n twee uur over smalle paadjes vlak langs een riviertje, over houten bruggetjes en trappen, en langs verschillende watervalletjes. We hebben ervan genoten. Zo’n uitje voelt echt als vakantie-dicht-bij-huis, de natuur is echt prachtig.

En we hadden dit keer extra geluk: vlak bij de Ravennaschlucht staan een paar hotels en restaurants, en één daarvan heeft de voorgevel omgebouwd tot een enorme koekoeksklok. Aangezien wij daar om 1 uur zaten te picknicken en van 3 uur tot half 4 van een ijsje genoten, konden we drie keer het spektakel bewonderen. Kijk zelf maar:

Op de kleintjes letten

Dat hebben wij jarenlang moeten doen. En wat is het een verademing nu dat niet meer zo erg hoeft! Nee, ik bedoel niet qua financiën — hoewel we inderdaad in onze studententijd getrouwd zijn en geen enorm inkomen hadden, en Johan nu bakken met geld binnensleept 😉 Maar ik bedoel dat we jaren gehad hebben dat we ons kroost geen moment uit het oog konden verliezen zonder dat ze óf wegliepen óf de boel op stelten zetten.

Vooral de zomer dat Boaz net begon te lopen staat me nog vers in het geheugen. We zaten voor Johan z’n werk 4 weken in Milaan, midden in de stad, en het was snikheet. We huurden een appartementje met een inieminie balkon — maar daar kon je ze dus onmogelijk laten spelen zonder zelf in het deurkozijn te blijven staan, anders waren ze geheid over het hekje geklommen en een paar verdiepingen naar beneden gestort. Gelukkig was er een park dichtbij, met ook een paar speeltuintjes. Maar oh man, wat was dat vermoeiend. Eén van de speeltuintjes was weliswaar omheind, maar er waren twee toegangspoortjes in de omheining die niet afgesloten konden worden. Dus terwijl Hannah speelde in de brandende zon, rende ik heen en weer van poortje 1 naar poortje 2 en weer terug, om te voorkomen dat die kleine ondeugd er vandoor ging. En dat duurde dus net zo lang tot we weer teruggingen naar ons appartementje. Waar het ook heet was, en klein.

Ook toen zoonlief iets groter was, kon ik letterlijk nog niet onbekommerd naar de wc. Meestal had ik de huisdeur uit voorzorg op slot, maar op een keer wilden we samen boodschappen gaan doen; Hannah zat op de peuterspeelzaal of op school. Dus schoenen aan, jassen aan, tassen gepakt — en nog snel even plassen. En ja hoor, wég was meneertje! Ik heb de hele buurt afgezocht (hobbelbehobbel met m’n dikke buik want Juut was onderweg), buren ingeschakeld, ik wilde net de politie gaan bellen… en toen kwam hij aangewandeld, aan de hand van een wildvreemde vrouw die hem bij de drukke weg aan de rand van de wijk gevonden had. Die vrouw vond het wat vreemd dat zo’n klein jochie daar alleen rondliep en had hem beloofd dat ie thuis een snoepje kreeg als hij netjes meeliep naar mama… Nou, die dag heb ik er dus ook een paar rimpels bij gekregen.

En zo zijn er nog tal van verhalen, vooral van de oudste twee. Het is bijna een wonder dat ik nog niet volledig grijs ben. Gelukkig neemt dat nu dus hard af. Ik kan lekker een boekje lezen in de speeltuin; als er iets aan de hand is roepen ze wel. Bij een bruiloft laten we ze “los” en volstaat af en toe een oogje in het zeil. En als ze in de achtertuin spelen kan ik ook rustig een poosje gaan werken zonder dat ze weglopen. Hoewel daar toch nog grenzen aan zitten: een paar weken geleden zat ik achter ons bureau te werken en hoorde ik door het open raam de buurvrouw zeggen: “Ga jij eens snél naar binnen, en die stoel ook! Dit vindt jouw mama niet goed!” Toen waren ze dus op het idee gekomen om stiekem door het slaapkamerraam aan de voorkant van het huis naar binnen en naar buiten te gaan, maar omdat Judith er niet bij kon hadden ze stoelen als opstapje naar buiten gesleept. Maar ach, dat zijn de uitzonderingen. En zelfs toen waren ze niet echt “weg”.

Wat betreft de financiële “kleintjes” zitten we hier trouwens goed. Sinds het hele corona-gebeuren én een droog voorjaar gingen er geruchten rond dat de prijzen van vooral groente en fruit drastisch zouden stijgen. En ook geïmporteerde producten zouden natuurlijk duurder worden. Dat is vervelend nieuws voor supermarkten die het vooral van hun prijsvoordeel moeten hebben. Maar de Lidl is niet voor één gat te vangen. Zij benadrukken nu volop dat er echt he-le-maal niets aan de hand is en alles voortdurend goedkoper wordt! De prijskaartjes zijn het bewijs. Want als die oranje zijn, is in één oogopslag duidelijk dat het betreffende product in prijs is gedaald (voor prijsstijgingen hebben ze nog geen kleur gevonden, die worden niet weergegeven). Nou, zo wordt winkelen een waar feest. Hele schappen kleuren oranje!

Tot je op de kleintjes gaat letten. Want wees eerlijk, voor je met zulke prijsverlagingen een extra pak koekjes bij elkaar hebt gespaard…

Avontuur in het Kurpark

~ Geschreven door Hannah Commelin

Mama en de kids waren aan het picknicken in het Park toen Hannah een geluid hoorde. Het bleek een Pauw te zijn. Toen de kids wouden kijken was Hannah teleurgesteld toen ze hem niet konden vinden. Daar! Riep Judith. Waar? Daar! Nu zagen ze hem alemaal. Een pracht van een Pauw zat in de schaduw van een Huis. Hannah wist meteen dat het een manetje was. Hij is zo mooi zodat zijn vrautje ook van hem houd. Legde ze uit. Snel ging ze naar Mama toe om Mamas telefoon te halen om fotos te maken wat ook gelukt is {hoewel de fotogravirde pau een andere is} toen ze trug kwamen stond Mama al klaar om te vertreken. Op die avont wou Judit niet gaan slapen dus bedacht ze dat haar Pop steets Huilde. Maar aan het eind was ze toch heel moe van dit Avontuur bei de Commelins.

Hoogtepunten en een lange reis

Afgelopen vrijdag was het alweer feest in onze familie: mijn broer trouwde met het liefste meisje van het hele dorp. En wij mochten er bij zijn. Boaz twijfelde daar nog even over, want ik had ‘m juist bij opa’s bruiloft geleerd dat i.v.m. corona alleen kinderen en kleinkinderen op het feest uitgenodigd worden. En die zijn er dit geval nog niet… Maar gelukkig mochten er nu ook ouders, broers, zussen, neefjes en nichtjes komen. 🙂

Helaas viel de bruiloft precies in Hannahs eerste schoolweek, dus we moesten even snel heen en weer. Ze kreeg donderdag vrij om te reizen. Toen zijn we in alle vroegte in de auto gestapt. Aanvankelijk wilden we met de trein, maar dat is nu toch niet zo ontspannen als anders omdat je de hele rit mondkapjes moet dragen, niet van je stoel mag om even de benen te strekken, enzovoorts. Met de auto dus maar. Het idee van vroeg vertrekken is dat de kinderen de eerste paar uur nog lekker kunnen slapen, maar daar kwam niet bij iedereen zoveel van terecht. Het was dan ook ongeveer de langste dag van het jaar, dus onze opmerkinge “ssssst, ga slapen, het is nog nacht!” kwam niet zo heel geloofwaardig over. 😉 Maar verder hadden we best een voorspoedige rit, en naderhand konden we in Staphorst bijkomen. En ballonnen opblazen natuurlijk, en blousen strijken en een doos te klein geworden laarsjes ruilen tegen pakken Brinta, meel en hagelslag.

En toen was het dan de grote dag. De vader van de bruid heeft een autobedrijf, en hij had een hele rij “stoere” auto’s geregeld voor z’n dochters trouwdag. Een Rolls Royce, een oude Ford Mustang, een Dodge Ram, en zo nog een rijtje auto’s waarvan ik de naam niet eens ken. Gelukkig hoefde ik er niet zelf in te rijden 🙂 De huwelijkssluiting was buiten, in een soort park, met aansluitend een lekkere picknick. Gelukkig was het heerlijk weer, dus die locatie paste perfect! Vervolgens was er een kerkdienst en hebben we nog lekker met z’n allen gegeten. Al met al nog steeds een andere bruiloft dat we een half jaar geleden hadden gedacht, maar volgens Johan “veeeel gezelliger dan zo’n mega-feest met 300 gasten”. En eigenlijk ben ik dat wel met hem eens. Natuurlijk is het jammer dat vrienden en verdere familie er niet bij konden zijn, maar het was een heerlijke dag.

En toen moesten we nog terug naar huis. Dat was iets minder heerlijk, want eigenlijk had niemand veel zin in die lange rit. Wat wel leuk was, is dat we in Nordrhein-Westfalen even konden stoppen bij een bruinkoolmijn — precies op tijd, omdat Hannah daar morgen een presentatie over mag houden!

Nu weten we dus dat deze mijn zo groot is dat er 12 dorpen voor moesten wijken, en zo diep dat je alle kinderen van Hannahs school mét hun papa’s en mama’s op elkaar moet stapelen om over de rand te kunnen kijken. (Boaz meteen: “Maar dat mag nu even niet door corona, dat zijn teveel mensen bij elkaar”. Jammer. Anders hadden we ’t natuurlijk even uitgeprobeerd…)

Een ander mazzeltje was dat er bij de mijn een ijscokar stond, en dat het derde wegrestaurant dat we probeerden weer patatjes verkocht. Die krikken de sfeer dan toch net weer een stukje op. Uiteindelijk waren we tegen half 8 ’s avonds weer thuis. En prompt toen we het dorp inreden kondigde Judith aan: “Ik wil wel weer eens een keer naar mijn opa gaan!”. Goed idee, we draaien meteen ff om… Maar niet heus, ze zijn nu eerst aan de beurt om ónze kant op te komen 🙂

Zondag was een rustig dagje, en vandaag was het feest. Geen bruiloft, maar Kindergarten! Hannah mag deze week 4 dagen naar school en vanaf volgende week zelfs elke ochtend, en Boaz en Judith mogen deze week drie ochtenden naar de Kindergarten (en misschien volgende week ook). Wat een geluk. Het was nog niet weer helemaal zoals vroeger, want ze hebben nu heel kleine groepen die van elkaar gescheiden moeten blijven en dan mis je al snel een paar vriendjes. En er zijn allerlei ingewikkelde regels over een “blauwe of groene wc”, “blauwe of groene zeep” en bepalingen waar de blauwe groep mag spelen en waar de groene. Maar dit is toch al een hele verbetering t.o.v. thuis moeten blijven tot eind september.

Toen ik ze vanochtend gebracht had, zat ik trouwens nog wel even in de rats. Ik had een formulier mee naar huis gekregen om in te vullen en weer in te leveren, en daarop moest je aanvinken of het hele gezin de laatste 14 dagen netjes binnen de Duitse grenzen was gebleven. Dat was bij ons overduidelijk niet het geval, en we zagen de bui al helemaal hangen. Wat overigens wel vreemd was, want verder geldt die regel nergens meer… Gelukkig bleek het een fout van de Kindergarten te zijn. Ze hadden me een oud formulier meegegeven; deze regel gold slechts tot begin juni.

Pfieuw….

En zo gaan we nu de normaalste week sinds tijden in. Ook dat is een hoogtepunt!

Opvoeden is zwaar

De kinderen roepen en gillen de hele dag. Mama’s hoofd wordt er moe en pieperig van! Maar als ze zegt dat ze moeten stoppen, gaan ze toch door. Ooohhhh mannn, dat is echt niet leuk!

Soms besluit mama dat de kinderen even frisse lucht nodig hebben. Dan worden ze allemaal in hun nekvel gepakt en op het gazon of op het terras gelegd. Ook dat willen ze niet, maar het moet toch. Soms liggen ze zelfs urenlang buiten in de regen, als mama heeft vergeten om ze weer binnen te laten.

En af en toe is er ruzie. Zo zijn onlangs Boaz z’n lego-autootjes kapot gemaakt. De reden? De autootjes hadden de kinderen uitgescholden en hun tong uitgestoken. Daarom hadden de kinderen ze kapot gestampt. Niet aardig natuurlijk, maar mama begrijpt het wel. Dat wordt anders als ze elkaar gaan slaan. Als mama dat merkt, dan zwaait er wat.

Nog zo’n punt dat veel energie kost: de kinderen willen zich de hele dag omkleden. Ze willen steeds hun prinsessenjurk aan, maar dat kunnen ze niet zelf. En soms willen ze in hun blootje spelen! Dat is natuurlijk een beetje gek, dus ook daar moet mama dan weer achteraan.

Ja jongens, het is wat. Nu we allemaal de hele dag thuis zijn, valt het opvoeden extra zwaar. Mama Judith zal blij zijn als de Kindergarten weer open gaat en ze er weer even zónder kroost op uit kan 🙂 Dan worden alle poppen en knuffels waarschijnlijk weer aan hun lot over gelaten. Ik betwijfel of ze daar rouwig om zullen zijn…

Volgens het boekje

Verschillende landen werken tegenwoordig met een spoorboekje. Niet om het openbaar vervoer te plannen, maar om de maatregelen tegen het corona-virus stapsgewijs af te bouwen.

Wat een vernieuwend idee. Ik heb zo’n boekje al jaren. Niet met een draaiboek voor een pandemie erin, maar met het boodschappenlijstje voor het eerstvolgende supermarktbezoek (dat gaandeweg de week kan worden aangevuld), een lijstje met lange-termijn-wensen die niet bij de supermarkt gehaald kunnen worden en ook gerust wat langer mogen duren, daarnaast een to-do-lijstje voor de korte termijn dat ik zo lekker af kan strepen als er iets gedaan is en een lijstje met klusjes die “ergens de komende tijd” gedaan moeten worden. Momenteel staat er ook weer een lijstje in met dingen die ik mee wil nemen als we naar Nederland gaan, en een lijstje met dingen die juist die kant op moeten als we plek hebben in de auto. Verder een lijstje met uitjes of activiteiten die we in schoolvakanties kunnen doen — dat stamt nog uit pre-corona-tijden. En er is een schets van een liedje voor de bruiloft die we binnenkort hopen te bezoeken. Als extra handigheid kan je het boekje ook op de kop draaien en vanaf de andere kant beginnen te bladeren. Daar staan de Bijbelmomenten in die we de afgelopen maanden hebben gedaan, alsmede de ideeën voor de komende weken. Kortom, bijna alles staat erin. Behalve dan mijn wachtwoorden en bankgegevens, die bewaar ik veilig ergens anders 😉

Wat is zo’n boekje toch oneindig handig he? En dat allemaal met een simpel spiraal-notitieblokje van de Action en een paar van die bladwijzertjes die je erin kunt plakken om je boekje in verschillende stukken op te delen. Plus een pen natuurlijk, maar die hebben we meestal voldoende binnen handbereik. Al gebruik ik het liefst steeds dezelfde kleur, dat staat netter 🙂 🙂

Het boekje gaat overal mee naartoe, als ik boodschappen ga doen of op reis ga of op de bank hang om te bedenken wat we de komende dagen zullen gaan eten. Het is zo ongeveer mijn externe geheugen. Mensen die hun leven op orde hebben, zeggen trots: “een opgeruimd huis zorgt voor een opgeruimd hoofd”. Ik geloof het meteen, alleen neem ik niet zo vaak de moeite om dat zelf te ervaren. Ik houd het bij mijn boekje: “als alles netjes in lijstjes staat opgeschreven, hoef ik er niet meer aan te denken en is mijn hoofd weer opgeruimd”. Idealiter komt daar dan ruimte vrij om creatief te zijn of over zinnige dingen na te denken. In de praktijk voorkomt het vooral ergernis, doordat ik nu minder vaak boodschappen vergeet of spullen thuis laat liggen die mee hadden gemoeten op reis. En het is handig om mijn eigen goede ideeën maar vast op te schrijven voor momenten dat ik geen inspiratie heb.

Mijn boekje is overigens heel nuchter. Gewoon lijntjes met daarop steekwoorden. Geen gehandletterde boodschappenlijstjes, inspirerende teksten of fraaie tekeningen. Als ik creatief zou willen zijn, maak ik wel een kaart voor iemand die jarig is ofzo. Mijn lijstjes zijn vooral om lekker af te strepen, en als het lijstje helemaal is afgewerkt het betreffende blaadje uit te scheuren en weg te gooien. Heerlijk. Dat is zo’n fijn gevoel dat ik soms zelfs to-do’s opschrijf die ik sowieso niet zou vergeten. “Boodschappen doen”. “Koken”. Dat kan ik zelf ook nog wel onthouden. Maar toch schrijf ik ze soms op. Gewoon omdat het zo fijn is om een overzicht te hebben en aan het eind van de dag voldaan dingen door te kunnen strepen: “Zo. Dat heb ik toch maar mooi gedaan.” Of om een klusje een bepaald gewicht te geven: als het op de lijst staat, moet het echt gebeuren. Wat zwart op wit staat, is belangrijk. Dan kan ik er niet meer onderuit.

De meeste mensen zijn zo’n boekje natuurlijk al lang ontgroeid. Die doen alles op hun telefoon. Heel handig, dan kun je takenlijstjes ook delen met je echtgenoot en hem bepaalde klusjes toespelen. Net zo moet ook de corona-crisis bedwongen worden met apps. Een prachtig idee. Maar terwijl aan die apps nog volop wordt gesleuteld en er van alle kanten kritiek komt op de veiligheid ervan, houdt Europa koers met ouderwetse spoorboekjes. Die hebben tenslotte al eeuwenlang bewezen uitermate handig te zijn.

Skateboard

Ik had er zo m’n twijfels bij of een skateboard een goed idee was, maar Boaz wilder er héél graag eentje en Johan heeft er vroeger ook veel plezier mee beleefd. Dus vooruit, toen Boaz jarig was kreeg hij een skateboard cadeau van ons. Voor in de tuin, niet op straat. Maar laat de oprit naast ons huis nu een beetje schuin aflopen de tuin in… Dus vooruit, als de auto van de buurman er niet staat mogen ze ook een paar meter buiten de tuin met dat ding spelen.

Eerst ging dat heel voorzichtig, zittend. Met wat handigheid kunnen ze vanaf de oprit de tuin in, dan met een bochtje om de bloembak heen en uitrijden op het paadje door het gras. Judith doet het nog steeds zo:

De andere twee worden allengs avontuurlijker. Pas waren ze verontwaardigd dat ik geen medelijden had om de bult op hun hoofd die ze hadden opgelopen toen ze achterstevoren op het skateboard naar beneden gingen en het hek niet tijdig hadden kunnen ontwijken. Ja daahaag, ik heb ze genoeg gewaarschuwd hoor…

Vandaag was er weer iets nieuws gelukt. Kijk maar B-)

En dat filmen ze dan zelf op een oude iPad van opa. Dit keer moest Judith dus filmen, de instructies werden luidkeels rondgebazuind en tadaaa, mevrouwtje regelt het wel even 😉

Ik heb maar de andere kant op gekeken. Sommige dingen moet je gewoon niet te precies in de gaten willen houden… en eerlijk is eerlijk, ze moeten íets verzinnen nu ze al wekenlang thuis rondhangen. En alle botten zijn nog heel.

Weer naar de kerk! Maar toch niet

Morgen is het Pinksteren, en onze gemeente zag er naar uit op die dag voor het eerst weer (met een beperkt aantal mensen) een kerkdienst te kunnen houden. De draaiboeken waren opgesteld, de stoelen keurig op afstand van elkaar gezet, er is een inschrijfsysteem opgetuigd zodat iedereen een keer de kans zou krijgen om naar de kerk te gaan de komende weken… ik had er helemaal zin in. En Johan had mij de primeur gegund om naar die dienst te mogen.

Maar helaas. Het feest gaat niet door.

We kregen een mail met de daarin de mededeling dat “een persoon” uit onze gemeente contact heeft gehad met “iemand” die positief op corona is getest. Wie dat is, waar en wanneer die persoon eventueel contact heeft gehad met andere gemeenteleden, dat is allemaal een groot vraagteken. Of diegene zelf corona heeft ook, want een test kan pas na het Pinksterweekend uitgevoerd worden… [tot zover dus het belang van snel en toegankelijk testen. Als je op vrijdag hoort dat je misschien besmet bent, kun je mooi tot dinsdag wachten tot je ergens terecht kunt]. Nu heeft onze kerkenraad dus besloten om uit voorzorg de dienst af te gelasten. Ze zijn denk ik een beetje geschrokken van de berichten uit Frankfurt, en willen het zekere voor het onzekere nemen. Jammer hoor…

Het voelt ook wel een tikkeltje overdreven dat meteen niemand mag komen. Wij hebben zelf bijvoorbeeld al maandenlang niemand uit de gemeente ontmoet, dus ook niet de potentiële coronapatiënt. En zo zullen er meer gemeenteleden zijn, aangezien dit pas de eerste zondagse dienst sinds half maart zou zijn. Als degene om wie het gaat dus even z’n naam zou doorgeven en zou vermelden waar en wanneer hij/zij met anderen in contact is geweest, kan ieder z’n conclusies trekken. Wel zo handig ook om dat vast te weten vóór er dinsdag eindelijk getest gaat worden, voor de mensen die het betreft. Maar kennelijk gaat privacy hier vóór de kerkdienst en vóór het natrekken van de besmettingsketen.

Tjah. Ik ben hier gewoon chagrijnig van, dat moge inmiddels duidelijk zijn 😉

Gelukkig is er ook goed nieuws. Zoals het er nu uitziet, kan Hannahs school over twee weken weer grotendeels open. Ze willen elke schooldag fysiek les gaan geven, en dan mogen steeds 12 van de 14 kinderen in de klas aanwezig zijn. Niet helemaal ideaal, maar een stuk beter dan het tot nu toe was ­— namelijk alleen een paar uur online les. Wel een beetje jammer dat school precies begint in de week dat wij weer een bruiloft hebben in Nederland, terwijl ze nu twee weken vakantie hebben en we al weeeeeeken thuis zitten. Maar goed. Dat ligt aan de planning van het bruidspaar natuurlijk B-)

Bij de Kindergarten zit er nog weinig schot in de zaak. Tot nu toe zijn alleen kinderen welkom wiens beide ouders verplicht op hun werk moeten verschijnen (dus niet thuis kunnen werken), of die volgens Jeugdzorg thuis gevaar lopen. Daar hoort ons kroost niet bij, en dus moeten we er rekening mee houden dat ze pas half september een kansje krijgen om weer (deels?) naar de Kindergarten te mogen en hun vriendjes te zien. Dat is best een lange periode natuurlijk. En zelfs daarna is het nog maar de vraag hoe het plaatje eruit komt te zien, omdat afstand houden voor peuters gewoon niet realistisch is. Als de “strengste” voorstellen opgevolgd worden, kunnen kinderen van thuisblijvende moeders en/of thuiswerkende vaders voortaan dus pas vanaf 6 jaar naar school en zitten ze tot die tijd thuis.

Er komt dan ook wel protest tegen deze regels, zeker aangezien in andere landen jonge kinderen vrijwel geen beperkingen meer opgelegd krijgen omdat ze maar zo’n kleine rol lijken te spelen in het hele corona-gebeuren. We hopen maar dat deze protesten er toe leiden dat het beleid wordt heroverwogen, en dat de situatie zo ver verbetert dat de beperkingen opgeheven kunnen worden. Het zou heerlijk zijn als onze schatjes regelmatig even op iemand anders z’n lip kunnen zitten in plaats van elkaar het leven zuur te maken 😉

Maar dat is toekomstmuziek. Vooreerst hebben we de schone taak om als gezin Pinksteren te vieren. Er liggen een paar puzzeltjes en opdrachtjes klaar, gespreksvragen en bijpassende Bijbelgedeelten… en daar houdt het op voor mij als moeder. De kern van het feest kan ik niet “maken”, zelfs een gezellige sfeer creëren lukt niet altijd. Maar gelukkig mogen we juist met Pinksteren naar boven kijken:

Heilige Geest van God,
adem in ons midden,
dan zullen wij aanbidden
de Vader en de Zoon.

Kom, o Heilige Geest,
wij wachten op U.
Vervul ons met uw kracht,
Heil’ge Geest kom nu.

(~ Sela)

Naar het feest van “mijn opa”

Sinds twee uur zijn we weer thuis, terug van onze reis naar Nederland. Beter gezegd, van onze reis naar “mijn opa”. Want daar draaide het allemaal om deze keer. Natuurlijk waren we allemaal erg blij dat we op het laatste nippertje toch naar Nederland konden gaan. Maar Judith vond het wel héél speciaal. Toen we haar uitlegden dat wíj́ naar het trouwfeest van opa en Jantie mochten maar veel andere mensen niet, zag je de trots in haar oogjes schitteren. Plotseling kreeg zij, als kleindochter van “mijn opa”, een sterrenstatus. En dat zou iedereen weten ook 🙂

Natuurlijk vond ze het ook leuk om de rest van de familie te zien en om met haar nichtje te spelen, maar opa had dit keer een speciaal plekje. Misschien dat ze ook even duidelijk wilde hebben dat er in dat opzicht niets verandert nu verschillende mensen in de familie gaan trouwen en verhuizen. “Want opa is MIJN opa!”. Vooruit, er zijn nog een paar kleinkinderen, maar die vergat ze voor het gemak maar even. Eigenlijk wilde ze ook bij opa logeren, maar om aan de corona-regels te kunnen voldoen moesten we ons opsplitsen over verschillende huizen. Toen puntje bij paaltje kwam ging ze toch maar bij papa en mama slapen, maar jullie mogen één keer raden wat de eerste vraag was toen ze ’s ochtends wakker werd. “Wanneer gaan we weer naar….?”

Zien jullie dat handje? 🙂 Hopelijk heeft de “echte” fotograaf de gezichten wat mooier weten te vangen, maar dit handje is wel heel toepasselijk…

En eerlijk is eerlijk, ons kroost kreeg ook wel volop de kans om zich speciaal te voelen. Boaz kreeg een stropdas die paste bij de bruidsjurk, en de dames kregen een echte prinsessenjurk. Blijf dan maar eens met je beide benen op de grond staan… 😉

Na de bruiloft zijn we nog drie nachtjes op een camping in Hardenberg geweest, dichtbij onze andere opa en oma. Als we dan toch in Nederland zijn, proberen we er zo’n mouw aan te passen dat we meteen meerdere familieleden kunnen zien. En zelfs ons jongste nichtje hebben we kunnen bewonderen. Johan en ik waren dus heel tevreden over dit (halve) weekje, en klaar om weer naar huis te gaan. Uiteindelijk hebben we dat natuurlijk ook gewoon gedaan, maar het was niet geheel naar de zin van onze jongste telg. Toen die in de auto stapte wilde ze helemaal niet naar huis, ze wilde naar “mijn opa!” Helaas, ze zal nog even geduld moeten hebben. Maar hopelijk niet al te lang, want over krap vier weken staat er alweer een bruiloft gepland. En ook daar zijn wij, als hooggeëerd publiek, weer uitgenodigd. We hebben er alvast zin in 🙂